Vechten voor het beloofde land
📚 Samenvatting boek:
Meer dan anderhalve eeuw geleden begon de Amerikaanse Burgeroorlog, een van de grootste en meest bloedige conflicten op Amerikaanse bodem. Gedurende vier jaar hield deze oorlog het land in een verstikkende greep en liet blijvende littekens achter, die tot op heden merkbaar zijn. De inzet van deze wrede strijd, die aan meer dan 600.000 mensen het leven kostte, was de eenheid van de Unie tegenover de afscheiding van de Geconfedereerde Staten van Amerika en het behoud van de slavernij. Binnen het conflict tussen het geïndustrialiseerde Noorden en het voornamelijk agrarische Zuiden speelden immigranten uit Europa, vooral uit Ierland en Duitsland, een cruciale rol. Ook vanuit Nederland waagden rond 10.000 mensen de oversteek naar de nieuwe wereld, vaak gedreven door economische, politieke of religieuze redenen, met name degenen die zich hadden afgescheiden van de Nederlands Hervormde Kerk.
Toen in 1861 de Amerikaanse Burgeroorlog uitbrak, riep de nieuw verkozen president Abraham Lincoln de mannen van het land op om zich vrijwillig aan te sluiten bij het leger van de Unie. Onder degenen die op deze oproep reageerden, bevonden zich ook enkele honderden Nederlanders. Hun belevenissen, vastgelegd in brieven en andere historische bronnen, vormen het hart van “Vechten voor het Beloofde Land”, waarin de voortgang van de Burgeroorlog als rode draad door het verhaal loopt. Afgezien van enkele uitzonderingen, zoals ingenieur Charles Liernur uit Haarlem, vochten de meeste Nederlanders in het leger van de Unie. Velen waren als kinderen in de jaren veertig en vijftig met hun ouders naar Amerika gekomen en inmiddels oud genoeg om dienst te nemen. Sommigen reisden speciaal naar Amerika om zich bij het leger aan te sluiten, zoals de Utrechtse legerarts Dr. Bernard van der Kieft.