Ik ga er vanuit dat de werking van de zenuw globaal bekend is.
Nu heb ik gelezen dat een caine een hydrofiel staart en een hydrofobe kop heeft. Wanneer je het spul injecteert komt het in de buurt van de zenuw terecht. Het binnenste deel van een cel is hydrofiel (hoofdzakelijk bestaat het uit water), terwijl de rand hydrofoob is. Je weet nu al hoe het "lidocaine atoom" komt te liggen. Nu blokkeert het echter de natrium poorten, waardoor er geen uitwisseling meer plaats kan vinden, en dus niets zou voelen.
Althans, zo hoort het...
Zou het kunnen zijn dat een ontsteking iets aan dit kan veranderen, waardoor alsnog natrium en kalium uitgewisseld kan worden? Ik weet dat je een caine niet in ontstoken weefsel mag gebruiken... (of vanwege het niet werken, of vanwege de kans dat het in een bloedvat komt)
(een caine is een plaatselijk verdovingsmiddel zoals: lidocaine prilocaine scandicaine ropivacaine bupivacaine tetracaine articaine septanest xylocaine en nog meer)
Puzzels