Kunst, recht en geld

Verlanglijst Delen
Deel je boek
Deel je boek
Deel op social media

📚 Samenvatting boek:

Publieke en private fondsen streven ernaar samen te werken om hun krachten te bundelen en meer financiële middelen voor de kunstsector te genereren. Deze samenwerking vormt een nieuwe, positieve ontwikkeling. Het gezamenlijke optreden vermindert de bureaucratische kosten door slechts één keer de beoordeling en besluitvorming te laten plaatsvinden, wat resulteert in lagere uitgaven en minder benodigde mankracht. Bovendien bevordert de samenwerking de uitwisseling van kennis, waardoor er meer geld beschikbaar komt voor kunstcreatie. Aanvragers hoeven hun aanvraag slechts één keer in te dienen, wat het proces zo effectief en efficiënt mogelijk maakt. Er wordt van de overheid verwacht dat zij actief meewerkt aan deze nieuwe samenwerkingsmodellen. De centrale overheid heeft hierop sterk aangedrongen, maar laat tegelijkertijd juridische barrières bestaan die de samenwerking bemoeilijken. Dezelfde centrale overheid moedigt culturele instellingen aan om ondernemerschap te tonen. De vraag blijft of er voldoende ruimte is voor de authentieke bijdrage van de culturele sector. Hoe actief moeten de instellingen worden en welke compromissen moeten zij sluiten? Er is een duidelijke discrepantie tussen een afwachtende overheid en de behoefte aan facilitering van nieuwe samenwerkingsvormen binnen kunstfinanciering. Hoewel de overheid met fiscale instrumenten hoog van de toren blies, rijst de vraag hoe toepasbaar, transparant en effectief het systeem werkelijk is. Heeft de overheid zichzelf niet te veel lof toegekend, terwijl ze kritisch was over de culturele sector? De unieke positie van de filmsector en musea krijgt speciale aandacht vanwege hun bijzondere rol binnen het juridische kader. In het slothoofdstuk worden suggesties gedaan om de juridische voorwaarden te verbeteren, zodat nieuwe samenwerkingsmodellen en financieringsmethoden zoals crowdfunding succesvol kunnen zijn. De redactie van het boek was in handen van Inge van der Vlies, hoogleraar staats- en bestuursrecht, kunst en recht aan de Universiteit van Amsterdam. Bijdragen kwamen van Jan Bank (emeritus hoogleraar vaderlandse geschiedenis aan de Universiteit van Leiden), Annemarie Bergman (medewerker bij het Nederlandse Filmfonds en verbonden aan de UvA), Monica Bremer (advocaat te Amsterdam), Nathalie Idsinga (belastingadviseur bij Loyens & Loeff en verbonden aan de UvA), Nicoline Verhaar (zelfstandig ondernemer te Amsterdam), Reyer van der Vlies (trainee bij de Rijksoverheid) en Inge van der Vlies zelf.

Taal : Nederlands