Politiekunde 39 – Naar eigen inzicht?

Categorie: Marketing
Verlanglijst Delen
Deel je boek
Deel je boek
Deel op social media

📚 Samenvatting boek:

De serie Politiekunde is uitgegeven door het Onderzoeksprogramma Politie & Wetenschap, een onafhankelijk onderdeel van de Politieacademie. Politie & Wetenschap is opgericht om de ontwikkeling van toegepaste wetenschappelijke kennis op het gebied van politie en veiligheid te bevorderen, evenals de benodigde kennisinfrastructuur en het daadwerkelijke gebruik van onderzoeksrapporten en -resultaten in de politiepraktijk, beleid en opleiding. De publicaties in de Politiekunde-serie bieden doorgaans concrete richtlijnen, modellen, instrumenten of werkwijzen die direct toepasbaar zijn in de politiepraktijk. Ze komen veelal voort uit onderzoek dat onderdeel is van het meerjarige onderzoeksprogramma, de kernactiviteit van Politie & Wetenschap.

In 2005 werd de Wet op de uitgebreide identificatieplicht (WUID) ingevoerd, die de politie een wettelijke basis geeft voor het uitvoeren van identiteitscontroles (ID-controle) in gevallen van een redelijke verdenking. De invoering van de wet leidde tot veel maatschappelijk protest. Critici vreesden discriminerende praktijken, ondanks ingebouwde waarborgen om willekeur te voorkomen.

Deze studie belicht de toepassing in de praktijk op straat: hoe voert de politie deze bevoegdheid daadwerkelijk uit? Wanneer worden ID-controles uitgevoerd, vindt er selectie plaats en zo ja, op welke gronden en is dat acceptabel? Er wordt dieper ingegaan op het delicate ‘kantelpunt’ van wat een ‘redelijke verdenking’ is en wanneer dat niet het geval is. Hoe betrouwbaar en valide is de professionele intuïtie van agenten hierbij? Daarbij wordt bekeken in hoeverre de bestaande jurisprudentie houvast biedt.

Een belangrijke uitkomst van het onderzoek is dat er geen aanwijzingen zijn voor frequente discriminerende praktijken. Oneigenlijk gebruik lijkt zeldzaam te zijn. Dit betekent niet dat agenten nooit handelen op basis van hun professionele intuïtie. Maar wanneer ze dat doen en proactief een ID-controle uitvoeren, blijken ze vaak gelijk te hebben en worden strafbare feiten ontdekt.

De bestaande jurisprudentie ondersteunt deze uitvoeringspraktijk. Het merendeel van de rechterlijke uitspraken bevestigt de afwegingen van de betrokken agenten. Desondanks bevelen de onderzoekers aan om de beoordelingsruimte van agenten beter uit te werken en duidelijker af te bakenen. De studie wordt afgesloten met een aantal praktische aanbevelingen hiervoor. Identiteitscontroles zijn per definitie minder transparant dan middelen als preventief fouilleren en cameratoezicht. Het is daarom belangrijk dat de politie voorafgaand aan een identiteitscontrole de reden hiervoor duidelijk maakt.

Taal : Nederlands