AccreDidact TA2020-4 – Externe cervicale wortelresorptie

Categorie: Geneeskunde
Verlanglijst Delen
Deel je boek
Deel je boek
Deel op social media

📚 Samenvatting boek:

Externe cervicale wortelresorptie (ECR) werd voor het eerst in 1850 beschreven. Door de jaren heen zijn er verschillende namen voor deze aandoening gebruikt, wat vaak verwarring veroorzaakte bij clinici. Pas het afgelopen decennium is er serieuze aandacht gekomen van wetenschappers en clinici voor ECR. Tegenwoordig wordt ECR vaker herkend dan in het verleden, mede dankzij CBCT, dat een gedetailleerder beeld biedt van resorptiedefecten. Ook wordt ECR nu vaker opgemerkt vanwege de toename van mensen met een orthodontisch verleden en/of parafuncties. De aandoening ontstaat door een (mechanische) verstoring van het parodontaal ligament en wortelcement, wat leidt tot de afbraak van dentine door clasten. ECR heeft een progressief karakter, dat zowel destructief als reparatief kan zijn. Bij het opstellen van een behandelplan moet de clinicus rekening houden met deze dualiteit. Drie belangrijke criteria zijn hierbij van belang: – de aanwezigheid van pijn; – de mogelijkheid om het resorptiedefect te sonderen; – de omvang van het resorptiedefect, dat deels door botingroei kan zijn hersteld. Behandelingen kunnen variëren van een endodontische aanpak (interne benadering) tot een flapoperatie (externe benadering), of een combinatie van beide. In sommige gevallen is het monitoren of verwijderen van de tand de beste optie. Hoewel deze behandelingen aanvankelijk effectief lijken (met een driejaarsoverlevingskans van bijna 85%), daalt de overlevingskans na acht jaar aanzienlijk (tot 42,7%), wat aantoont dat de levensduur van tanden met ECR slechts beperkt kan worden verlengd.

Taal : Nederlands