Bakelsinstituut – Het ‘natte’ arbeidsrecht

Verlanglijst Delen
Deel je boek
Deel je boek
Deel op social media

📚 Samenvatting boek:

Op 12 oktober 2018 hield Gerdien van der Voet haar inaugurele rede bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, met als specialisatie Bijzondere arbeidsverhoudingen – de zeevarende. In deze toespraak belicht Van der Voet de unieke aard van de arbeidsrelatie van zeevarenden en de rechtvaardiging hiervoor. Ze bespreekt de positie van het maritieme arbeidsrecht ten opzichte van het reguliere arbeidsrecht en het handelsrecht. Het grootste deel van haar aandacht gaat echter uit naar de vraag wat het reguliere arbeidsrecht kan leren van het maritieme arbeidsrecht. In een tijd van groeiende globalisering, met de bijbehorende internationale ‘race-to-the-bottom’ op het gebied van arbeidsvoorwaarden, stelt Van der Voet dat het reguliere arbeidsrecht kan profiteren van de lessen uit de regulering van de rechtspositie van zeevarenden. Als internationale werknemers zijn zeevarenden werkzaam in de oudste en meest geglobaliseerde sector ter wereld: de zeescheepvaart. Zo kan het Maritiem Arbeidsverdrag 2006 (MAV 2006), dat op 20 augustus 2013 in werking trad en inmiddels door 88 landen is geratificeerd, mogelijk dienen als inspiratie voor het streven naar eerlijke globalisering in het reguliere arbeidsrecht, waarbij uitbuiting van werknemers geen concurrentievoordeel biedt. Om die reden bespreekt Van der Voet in haar rede de verschillende factoren die hebben bijgedragen aan het succes van dit verdrag en onderzoekt ze of deze succesfactoren kunnen worden toegepast in andere sectoren. Tot slot kondigt Van der Voet aan een rechtsvergelijkend onderzoek uit te voeren naar de reikwijdte van het MAV 2006, omdat kernbegrippen zoals ‘zeevarende’ en ‘schip’ door lidstaten op uiteenlopende manieren worden geïnterpreteerd, wat leidt tot onduidelijkheid en rechtsongelijkheid.

Taal : Nederlands