Bob de Geus 1923-1999
📚 Samenvatting boek:
Op een koude en heldere vrijdag, 29 december 1944, fietsten Bob de Geus en zijn vrouw Riet rond twee uur ‘s middags over de ‘s-Gravelandseweg in Hilversum. Ze waren onderweg naar Riet’s vader, een dominee in ‘s-Graveland, die hen die middag in de kerk zou trouwen. Terwijl ze fietsten, hoorden ze in de verte het gebrom van vliegtuigen. Bob besefte onmiddellijk het gevaar. Hij was zelf betrokken geweest bij het aanvragen van een bombardement en wist precies dat het Wehrmacht-hoofdkwartier het doelwit was, niet ver van waar ze zich bevonden. “Duiken!” riep hij, en sprong in een greppel naast de weg. In paniek volgde Riet zijn voorbeeld, maar aan de andere kant van de weg. Hun zoon Hans zou kort na de bevrijding geboren worden. Toen de Tweede Wereldoorlog begon, was Bob de Geus zeventien. Hij sloot zich al snel aan bij het verzet in Hilversum en werd kort daarna gevraagd om te spioneren voor de verzetsgroep Albrecht. Na de oorlog bouwde hij een indrukwekkende carrière op in het leger, werd generaal, bekleedde de functie van Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht, kreeg een belangrijke positie bij het koningshuis en werd uiteindelijk een vertrouwde bekende van de koninklijke familie. Deze loopbaan begon toen hij als jongeman van zeventien de oorlog zag losbarsten. Wat dreef hem om spion te worden? Wat hield zijn werk precies in? En hoe beïnvloedde deze turbulente periode de rest van zijn leven?