Recht en Praktijk-Staats- en Bestuursrecht SB6 – De gewone rechter en de bestuursrechtspraak
📚 Samenvatting boek:
Dit boek onderzoekt de verdeling van taken tussen de reguliere rechter en de instanties die verantwoordelijk zijn voor bestuursrechtspraak. De basis wordt gevormd door de bepalingen in de Grondwet en de wetten die de verantwoordelijkheden van de diverse rechters vastleggen. Hoewel de bevoegdheid van de bestuursrechter centraal staat, wordt de grens feitelijk bepaald door uitspraken van de civiele en strafrechters. Het principe van de formele rechtskracht, als essentieel beschouwd door de Hoge Raad, is daarbij cruciaal. De vierde editie bevat rechtspraak tot november 2014. Daarnaast worden de effecten van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht, die sinds 1 januari 2013 van kracht is, op de civiele rechtspraak besproken. Het boek behandelt ook de kabinetsplannen voor de herverdeling van taken tussen bestuursrechtelijke colleges, wat de opheffing van de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven met zich mee zou brengen. Er wordt dieper ingegaan op specifieke onderwerpen zoals rechtspraak over bevoegdhedenovereenkomsten, overschrijding van beslistermijnen, en de redelijke termijn uit art. 6 EVRM. Vanwege recente rechtspraak is er extra aandacht besteed aan de gevolgen van het vernietigen van besluiten die in strijd met de wet zijn, met een poging om door een nieuw aansprakelijkheidscriterium meer duidelijkheid te geven in deze complexe en soms inconsistente materie. Er wordt ook aandacht besteed aan de nietigheid van bedingen in overeenkomsten met bestuursorganen en de vraag naar de toelaatbaarheid van het doorkruisen van burgerlijk recht en publieke bevoegdheden. Tot slot is het jurisprudentieregister verduidelijkt met verwijzingen naar verschillende onderwerpen binnen het uitgebreide gedeelte over de hoofdregel van de formele rechtskracht.