We gaan uit van de algebraïsche structuur (
R,+, . ) van de reële getallen met de gebruikelijke optelling '+' en vermenigvuldiging '.' .
Stel nu dat we de
tweesporige getallen a~b met a en b reële getallen formeel definiëren als geordende tweetallen (a,b) waarvoor geldt:
(a,b) + (c,d) = (a+c , b+d)
(a,b) . (c,d) = (a.c + b.d , a.d + b.c)
Voor de aftrekking '~' van tweesporige getallen definiëren we:
(a,b) ~ (c,d) = (a+d , b+c)
(De term 'tweesporige getallen' heb ik enige jaren geleden al eens gebruikt in een eerdere poging delen door nul mogelijk te maken. Die tekst heb ik echter nooit gepubliceerd, en inmiddels ook gewist. Soms moet je ruimte maken voor een nieuw begin. Maar de term 'tweesporige getallen' komt nog wel van pas. Om een duidelijk onderscheid te maken met de theorie uit mijn andere 'Delen door nul'-topic, spreek ik hier welbewust van 'tweesporige getallen' in plaats van 'verschilgetallen'. )
Om te beginnen zal ik nagaan wat voor algebraïsche structuur (
T,+, . ) nu eigenlijk is, waarbij
T de verzameling der tweesporige getallen is, en + en . de optelling en vermenigvuldiging van deze getallen zoals eerder gedefinieerd. We vermoeden een commutatieve semiring. Zie:
http://mathworld.wolfram.com/Semiring.html
Een
commutatieve semiring is een verzameling V van wiskundige objecten tezamen met twee binaire bewerkingen + en . die voldoen aan:
1. Additieve associativiteit: Voor alle a, b en c uit V geldt: (a+b)+c = a+(b+c) ,
2. Additieve commutativiteit: Voor alle a en b uit V geldt: a+b = b+a ,
3. Multiplicatieve associativiteit: Voor alle a, b en c uit V geldt: (a.b).c = a.(b.c) ,
4. Multiplicatieve commutativiteit: Voor alle a en b uit V geldt: a.b = b.a ,
5. Distributiviteit: Voor alle a, b en c uit V geldt: a.(b+c) = a.b + a.c .
Laten we zien. Voor alle a, b, c, d, e en f uit
R geldt:
1. ( (a,b) + (c,d) ) + (e,f) = (a+c,b+d) + (e,f) = (a+c+e,b+d+f) = (a,b) + (c+e,d+f) = (a,b) + ( (c,d) + (e,f) )
2. (a,b) + (c,d) = (a+c,b+d) = (c+a,d+b) = (c,d) + (a,b)
3. Laat A = ( (a,b) . (c,d) ) . (e,f) en B = (a,b).( (c,d).(e,f) ). Dan vinden we:
A = ( (a.c + b.d , a.d + b.c) ) . (e,f) = ( a.c.e + b.d.e + a.d.f + b.c.f , a.c.f + b.d.f + a.d.e + b.c.e )
B = (a,b) . (c.e + d.f , c.f + d.e) = ( a.c.e + a.d.f + b.c.f + b.d.e , a.c.f + a.d.e + b.c.e + b.d.f )
Dus A = B.
4. (a,b) . (c,d) = (a.c + b.d , a.d + b.c) = (c.a + d.b , d.a + c.b ) = (c.a + d.b , c.b + d.a ) = (c,d) . (a,b)
5. Laat A = (a,b) . ( (c,d) + (e,f) ) en B = (a,b).(c,d) + (a,b).(e,f). Dan vinden we:
A = (a,b) . (c+e,d+f) = ( a.c + a.e + b.d + b.f , a.d + a.f + b.c + b.e )
B = ( a.c + b.d , a.d + b.c ) + ( a.e + b.f , a.f + b.e ) = ( a.c + b.d + a.e + b.f , a.d + b.c + a.f + b.e )
Dus A = B.
Waarmee bewezen is dat (
T,+, . ) een commutatieve semiring is.
Definieer de
reële waarde van het tweesporige getal a~b als:
rw(a~b) = a - b .
Dan geldt voor alle tweesporige getallen x en y dat:
rw(x + y) = rw(x) + rw(y)
rw(x ~ y) = rw(x) - rw(y)
rw(x . y) = rw(x) . rw(y)
Bewijs:
Voor alle a, b, c en d uit
R geldt:
rw((a,b) + (c,d)) = rw( (a+c , b+d) ) = (a+c) - (b+d) = (a-b) + (c-d) = rw((a,b)) + rw((c,d)) .
rw((a,b) ~ (c,d)) = rw( (a+d , b+c) ) = (a+d) - (b+c) = (a-b) - (c-d) = rw((a,b)) - rw((c,d)) .
rw((a,b) . (c,d)) = rw((a.c + b.d , a.d + b.c)) = (a.c + b.d) - (a.d + b.c)
rw((a,b) . (c,d)) = (a-b) . (c-d) = rw((a,b)) . rw((c,d)) .
Het is handig om naast de reële waarde van tweesporige getallen eveneens te beschikken over de 'antireële waarde' van tweesporige getallen. De reële waarde van het tweesporige getal a~b definieerden we als:
rw(a~b) = a - b .
Voor alle tweesporige getallen x = a~b definiëren we de
antireële waarde aw(a~b) als:
aw(a~b) = a + b .
Dan geldt voor alle tweesporige getallen x en y dat:
aw(x + y) = aw(x) + aw(y) ,
aw(x ~ y) = aw(x) + aw(y) ,
aw(x . y) = aw(x) . aw(y) .
Bewijs:
Voor alle a, b, c en d uit
R geldt:
aw((a,b) + (c,d)) = aw((a+c , b+d)) = (a+c) + (b+d) = (a+b) + (c+d) = aw((a,b)) + aw((c,d)) .
aw((a,b) ~ (c,d)) = aw((a+d , b+c)) = (a+d) + (b+c) = (a+b) + (c+d) = aw((a,b)) + aw((c,d)) .
aw((a,b) . (c,d)) = aw((a.c + b.d , a.d + b.c)) = (a.c + b.d) + (a.d + b.c)
aw((a,b) . (c,d)) = (a+b) . (c+d) = aw((a,b)) . aw((c,d)) .