heb eens geprobeerd met deze oefening.

maar wat ik nu niet versta, de onbekenden zitten allemaal in het rechterlid :eusa_whistle:
wat nu??
Je moet een gepast veelvoud van de ene bij de andere vergelijking optellen, zodat een van beide onbekenden wegvalt. Als er in de eerste vergelijking bijvoorbeeld "TEC" voorkomt en in de tweede "-3*TEC", dan kan je drie keer de eerste bij de tweede optellen, dan valt TEC er uit weg.bert1987 schreef:stel je nu voor, dat er 2 onbekende zijn en TEC is niet in beide vergelijkingen gelijk.
moet je dan nog steeds Vgl 1 aftrekken van 2 of moet je dat dan optellen of.....
dat is het enige wat mij nog niet helemaal duidelijk is, of hangt het af wat er voor de waarde staat??
Laat in beide vergelijkinen enkel F.cos(t) (F.sin(t) voor de andere) in het linkerlid staan, haal de rest naar rechts.bert1987 schreef:heb nog eens je hulp nodig, voel dat ik niet ver meer ben, om het volledig te verstaan.
maar wat ik nu niet versta, de onbekenden zitten allemaal in het rechterlid :eusa_whistle:
wat nu??
aha oke is goed ga er mee aan de slag.TD schreef:Je moet een gepast veelvoud van de ene bij de andere vergelijking optellen, zodat een van beide onbekenden wegvalt. Als er in de eerste vergelijking bijvoorbeeld "TEC" voorkomt en in de tweede "-3*TEC", dan kan je drie keer de eerste bij de tweede optellen, dan valt TEC er uit weg.
Laat in beide vergelijkinen enkel F.cos(t) (F.sin(t) voor de andere) in het linkerlid staan, haal de rest naar rechts.
, klopt is niet zo simpel; maar ga het eens uitproberenTD schreef:Merk op dat dit een ander type van vergelijkingen is, hier zit een onbekende namelijk binnen een sinus/cosinus...
Wanneer je F.cos(t) en F.sin(t) aan één kant hebt, kwadrateer dan beide leden van de vergelijkingen en tel ze op.
je houdt toch (Cos²(t)+Sin²(t))TD schreef:Dat is oké, bij (2) kan je eventueel nog het minteken wegwerken.
Nu kan je beide vergelijking kwadrateren (dus elk lid in het kwadraat doen) en dan de twee (gekwadrateerde) vergelijkingen weer optellen, zoals we hiervoor al gedaan hebben (lid aan lid). Probeer het eens op te schrijven, in het nieuwe linkerlid krijg je dan F²cos²(t) + F²sin²(t). Haal dan eens F² buiten haakjes, wat blijft er over?
Er staan dan links F²(cos²(t)+sin²(t)), maar waaraan is cos²(t)+sin²(t) gelijk? Hoofdformule van de goniometrie...
TD schreef:Dus valt de t weg, precies wat we willen: een variabele valt weg, er blijft een vergelijking over in de andere.
Dan hebe je dus links F² en rechts alleen getallen, nog even de vierkantswortel nemen en je hebt F...