Onderstaand heb ik in mijn eigen woorden beschreven hoe ik een en ander nu denk te begrijpen. Graag commentaar.
Laat M een Lorentzvariëteit zijn. Op ieder punt van M is dus een bijbehorende metrische tensor g( , ) gegeven. In deze variëteit liggen de punten A en B waartussen we de "ruimtetijdelijke afstand" d
w (wat is de officiële naam?) langs pad w willen weten.
Onder
F verstaan we de verzameling van alle gladde (dat is willekeurig vaak differentieerbare) functies f van M naar
R. Dus is f
ºγ dan voor alle gladde paden γ:
R → M een gladde functie van
R naar
R, en dus bestaat voor alle f uit
F dan ook de afgeleide functie (f
ºγ)'. Laat p nu een punt op M zijn, en stop al de gladde paden γ:
R → M waarvoor γ(0) = p in de verzameling Vp. Twee gladde paden γ
1 en γ
2 uit Vp noemen we nu equivalent precies dan wanneer de functionalen K
1(f) = (f
ºγ
1)'(0) en K
2(f) = (f
ºγ
2)'(0) op
F identiek zijn. De raakvectoren
vp aan p zijn dan
per definitie de
equivalentieklassen van equivalente gladde paden waarin Vp door de vermelde equivalentierelatie opgedeeld wordt.
De som
up +
vp van twee raakvectoren
up = [γ
u] en
vp = [γ
v] aan p definiëren we als de equivalentieklasse van alle paden γ waarvoor de functionaal W(f) = (f
ºγ)'(0) op
F identiek is aan de som van de functionalen U(f) = (f
ºγ
u)'(0) en V(f) = (f
ºγ
v)'(0) op
F.
Het scalaire product c .
vp van een reëel getal c en een raakvector
vp = [γ
v] aan p definiëren we als de equivalentieklasse van alle paden γ waarvoor de functionaal V(f) = (f
ºγ)'(0) op
F identiek is aan de functionaal W(f) = c.(f
ºγ
v)'(0) op
F.
Men kan bewijzen dat de gegeven definities voor de som en het scalaire product deugdelijk zijn en dat de verzameling T
p van equivalentieklassen van gladde paden uit V
p tezamen met de som en het scalaire product een vectorruimte vormt. Merk verder op dat p willekeurig in M gekozen is, zodat het verhaal voor alle punten in M opgaat.
Intuïtief zijn twee equivalente paden uit Vp in een infinitesimale ruimtetijdelijke omgeving van p aan elkaar gelijk en is (f
ºγ)'(0) over heel
F beschouwd recht evenredig met de "snelheid" waarmee γ(λ) als functie van parameter λ door M beweegt. De functies uit
F zijn daarbij te zien als testfuncties die dergelijke beschouwingen binnen M mogelijk maken. Voor een pad w dat achtereenvolgens door A = w(a), p = w(0) en B = w(b) loopt ligt het dan voor de hand om de "ruimtetijdelijke afstand" d
w langs dat pad te definiëren als:
\( \mbox{d_w} = \int_a^b \sqrt{ | \mbox{g}( \mathbf{v}_{w(\lambda)} , \mathbf{v}_{w(\lambda)} ) | } \,\, \mbox{d} \lambda \)
De metrische tensor g( , ) komt daarbij vanwege relativistische effecten en gekromde ruimtetijd in de plaats van het euclidische inproduct.