Autodidact1 schreef: ↑zo 16 jun 2019, 13:26
De energie van het alfa deeltje zakt toch steeds dus dan zou de intensiteit toch ook moeten afnemen?
Maar niet in een linear verband of iets dergelijks.
Een alphadeeltje is best een zwaar ding, en heeft vooral interactie met veel lichtere electronen. Per interactie verliest het niet zoveel energie, maar de kans op een interactie is groter naarmate de kinetische energie lager is.
Dit geeft een effect waardoor een alpha deeltje min of meer ongehinderd een heel eind door een medium (bijvoorbeeld lucht) kan reizen, maar na een bepaalde afstand zoveel energie kwijt raakt dat het dusdanig langzaam gaat dat de kans op een interactie veel groter is. Dat is wat men bedoelt met de 'dracht' van alphastraling. De afstand is afhankelijk van de initiële energie, maar voor een gegeven isotoop is die meestal vrijwel constant, en krijg je een effect waarbij bijvoorbeeld de straling op 4 meter nog heel goed te meten is, en op 5 meter nauwelijks meer.
Gammastraling wordt ook wel gedempt door materiaal, maar dat is meestal een alles-of-niets kwestie: zo'n gamma foton ramt de kern van een atoom en gaat daarbij geheel op, het kan niet een deel van zijn energie verliezen en zijn weg vervolgen met een lagere snelheid. In dat geval heb je een situatie waarbij de straling afneemt met het kwadraat van de afstand, in theorie tot in het oneindige.
Voor betastraling heb je een beetje een mengsel van deze effecten: electronen (of positronen) zijn relatief licht en ondervinden meer vertraging door interacties, wat ze een zekere dracht geeft in een bepaald medium voor een gegeven energie. Belangrijk verschil is wel dat het afremmen van deze geladen deeltjes zorgt voor gamma/rontgenstraling. Dit effect is sterker naarmate de atoommassa van het afschermende materiaal groter is, waardoor men vaak materialen als plexiglas (voornamelijk lichte atomen als koolstof en waterstof) gebruikt als afscherming, in tegenstelling tot bijvoorbeeld lood tegen gammastraling.