Moderator: physicalattraction
De drone kan inderdaad een verwarrende toevoeging zijn, maar ik bedoelde er een waarnemer mee die meebeweegt met automobilist A tijdens de heenweg. In het referentiestelsel van die waarnemer heeft auto A geen lengtekrimp want γ=1, terwijl auto B op de terugweg een sterke lengtekrimp heeft want γ=3,6 (door relativistisch optellen van de snelheid van het asfalt van de terugweg en de snelheid van auto B t.o.v. het asfalt)
Inderdaad komt de stoet van auto's en kabels die ik heb getekend overeen met een trein.Als je de auto's allemaal verbind met touw heb je toch gewoon een trein? De voorste auto bepaalt dan de snelheid/acceleratie.
In de getekende situaties is de snelheid van de stoet constant, dus de tekening gaat niet over versnelling, en niet over de Bell spaceship paradox. Je hebt gelijk dat als anders dan in mijn tekening de stoet wel zou versnellen, terwijl v/c groot is, dan zouden de auto's niet een even grote versnelling ondergaan. En inderdaad zou bij weer een andere stoet auto's waar men de Bell spaceship paradox naspeelt de kabel wel breken.Indien de auto's op gelijk startsignaal allemaal dezelfde versnelling ondergaan gaat elk touw breken en ziet het hele plaatje er anders uit. Als de touwen niet mogen breken is er een begrenzing op de versnellingen en tijdstippen wanneer auto's starten met hun versnelling en stoppen met versnellen.
Het aantal auto's op de heen en terugweg verschilt per waarnemer hoewel de som hetzelfde is natuurlijk.