De determinant van de coëfficiëntenmatrix is 0, dus de (homogene) vergelijkingen zijn lineair afhankelijk. Opdat het stelsel nog oplosbaar zou blijven moeten die constanten dus aan diezelfde afhankelijk voldoen, of anders gezegd: de rang van de coëfficiëntenmatrix moet gelijk zijn aan de rang van de uitgebreide matrix.
Je kan gewoon Gauss-eliminatie toepassen en dan ga je voor de coëfficiënten één rij die enkel nullen bevat, op de laatste kolom (de constante) na, daar staat dan een uitdrukking in a, b en c. Als dit verschillend van 0 is, dan is je stelsel strijdig dus om oplosbaar te blijven druk je uit dat dat 0 moet zijn.
Je zou ook één van de 3x3 minoren van de uitgebreide matrix kunnen bepalen (waarbij één kolom die van de constanten is, dus niet de minor die net overeenkomt met de coëfficiëntenmatrix) en uitdrukken dan die 0 moet zijn, dezelfde voorwaarde rolt er dan uit.