I. Bepaal het carbonaatgehalte in Kruitvat maagzuurremmers
II. Bepaal het carbonaatgehalte in huishoudsoda
III. Bepaal het ammoniumgehalte in salmiak mbv Coach
Hierbij moeten we dan een werkplan maken. Nu heb ik mezelf ingelezen in hoe een terugtitratie werkt, en hoe ik erbij kan molrekenen, maar er is 1 punt waar ik vast loop.
Bijvoorbeeld bij opdracht I, hierbij moet je het carbonaatgehalte berekenen, maar de maagzuurremmers bestaan uit calciumcarbonaat. Nu weet ik wel hoe ik straks bij de terugtitratie kan berekenen hoeveel gram calciumcarbonaat in de maagzuurremmer zit (aangezien ik dmv de terugtitratie weet hoeveel H3O+ met OH- reageert, en dan met de molverhouding kan terugrekenen hoeveel gram CaCo3 heeft gereageerd). Maar ik snap dus niet helemaal hoe ik dan het carbonaatgehalte in de maagzuurremmer zelf kan berekenen, omdat het dus bestaat uit calciumcarbonaat. Bij de andere opdrachten is dit hetzelfde verhaal, ik kan wel berekenen hoeveel gram ammoniumchloride er in salmiak zit, maar puur het ammoniumgehalte loop ik vast. Hopelijk ben ik een beetje duidelijk, ik vind het moeilijk te verwoorden..
Puzzels