aadkr schreef: ↑za 30 aug 2025, 22:14
... in een willekeurige driehoek de 3 hoogtelijnen door 1 punt gaan ...
In het algemeen:
\(\overrightarrow{x}\cdot \overrightarrow{n}=0\)
houdt in dat vectoren
\(\overrightarrow{x}\) en
\(\overrightarrow{n}\) loodrecht op elkaar staan, en dat
\(x_1 n_1+x_2n_2=0\)
Alle vectoren x ofwel punten X vormen zo de lijn door de oorsprong met normaalvector
\(\overrightarrow{n}\)
In driehoek OAB:
Hoogtelijn door O:

- Hoogtepunt 1784 keer bekeken
Een richtingsvector voor lijn AB is
\((\overrightarrow{a}-\overrightarrow{b})\).
Neem deze vector als normaalvector van
\(\overrightarrow{x}\), en we krijgen de lijn door O loodrecht op AB = de gezochte hoogtelijn:
\(\overrightarrow{x}\cdot (\overrightarrow{a}-\overrightarrow{b})=0\)
Uiteraard ligt O ook op deze lijn: vul voor
\(\overrightarrow{x}\) in deze vergelijking
\(\overrightarrow{o}\) in.
Hoogtelijn door A:

- Hoogtepunt2 1782 keer bekeken
Kijk nu naar de vectoren die beginnen in punt A en eindigen in punt X:
\((\overrightarrow{x}-\overrightarrow{a})\)
We selecteren hieruit de vectoren die als richtingsvector van de loodlijn op de lijn OB kunnen dienen,
daarvoor moet gelden:
\((\overrightarrow{x}-\overrightarrow{a})\cdot \overrightarrow{b} = 0\)
ofwel
\(\overrightarrow{x}\cdot\overrightarrow{b} - \overrightarrow{a} \cdot \overrightarrow{b}=0\)
ofwel
\(\overrightarrow{x}\cdot\overrightarrow{b} = \overrightarrow{a} \cdot \overrightarrow{b}\)
Uiteraard ligt A ook op deze lijn: vul voor
\(\overrightarrow{x}\) in deze vergelijking
\(\overrightarrow{a}\) in.
Evenzo voor de hoogtelijn door B:
\(\overrightarrow{x}\cdot\overrightarrow{a} = \overrightarrow{a} \cdot \overrightarrow{b}\)
Hoogtepunt:
Definieer H = het snijpunt van de hoogtelijn uit A met de hoogtelijn uit B.
Dit punt H moet voldoen aan:
\(\overrightarrow{h}\cdot\overrightarrow{b} = \overrightarrow{a} \cdot \overrightarrow{b}\)
en aan
\(\overrightarrow{h}\cdot\overrightarrow{a} = \overrightarrow{a} \cdot \overrightarrow{b}\)
waardoor ook geldt:
\(\overrightarrow{h}\cdot\overrightarrow{a} = \overrightarrow{h} \cdot \overrightarrow{b}\)
ofwel
\(\overrightarrow{h}\cdot\overrightarrow{a} - \overrightarrow{h} \cdot \overrightarrow{b}=0\)
ofwel
\(\overrightarrow{h}\cdot (\overrightarrow{a} - \overrightarrow{b})=0\)
en hieruit volgt dat snijpunt H ook op de hoogtelijn uit O ligt.