Of omdat het onnodig ingewikkeld wordt uitgelegd misschien.
Als ik het goed begrijp en terug breng tot de essentie dan kom ik op de volgende uitleg Het plaatje laat het pad zien van Bob die versnelt tov Alice die in de oorsprong staat.
Bob versnelt eerst tot de gewenste snelheid v en in situatie 1 blijft die snelheid zo volgen gedurende een bepaalde tijd.
Gedurende die tijd loopt Bob's tijd trager dan die van Alice volgens de factor γ (v) van de SRT dus levert een tijdsdilatatie opbouw in seconden per seconde [s/s] dat hij vliegt met snelheid v. Het is dus het tijds interval gedurende welke bob met die snelheid doorvliegt die de hoeveelheid tijdsverschil opbouwt (feitelijk een integraal).
Vervolgens gaat bob de andere kant op versnellen dus afremmen waardoor de snelheid de andere kant op gaat en het tijdsverschil verder toeneemt omdat de integraal gewoon door integreert (volgens de zelfde factor γ (v) van de SRT)
weer bij alice in de oorsprong aangekomen het je dan dus een opgebouwde tijdsdilatatie delta_t {s}
Als je nu hetzelfde herhaalt volgens traject 2 waarbij Bob qua versnelling precies hetzelfde doet als de vorige keer met alleen dat verschil dat de tijd die hij blijft vliegen zonder te versnellen nu het dubbele is betekent dat het totale afgelegde pad met snelheid v ook dubbel zo lang wordt. dus de op dat pad opgebouwde tijdsdilatatie is nu ook het dubbele geworden dus 2delta_t.
Dus dit is waarschijnlijk wat flappelap bedoelt met 'het is niet zozeer de versnelling maar de padlengte'
maar feit is nog steeds dat de versnelling wel de directe oorzaak is dat er een situatie ontstaat waarbij tijdsdilatatie opgebouwd kan worden vanwege snelheidsverschil v. maar het is dus degene die versnelt (Bob) waarvoor de tijd dan langzamer loopt tov de ander (alice)
Puzzels