Onderstaand mechanisme is bruikbaar om de dichtheid van een vloeistof te bepalen.
het buisje is een aan kant met een touwtje verbonden met een zware schroef die op de bodem rust.
via 2 stelgewichtjes kun je het buisje horizontaal laten zweven in de vloeistof.
daarbij wordt dan een koppel gevormd van massa van buisje en gewichtjes en afstand tot het draaipunt wat het buisje naar beneden wil laten roteren en volume van het buisje wat via opwaartse kracht van de verplaatste vloeistof het buisje omhoog wil laten roteren.
een hogere dichtheid van de vloeistof betekent dat de gewichtjes meer verschoven moeten worden naar het einde van de buis.
nu is bij een alternatieve opstelling het buisje verbonden met een stukje onvervormbaar materiaal en zit het touwtje daar aan de onderkant
Metingen in de vloeistof laten dan zien dat het buisje onder een hoek gaat staan als de 2 krachten opwaarts en neerwaarts niet precies in evenwicht zijn.
als het draadje precies in het midden via het getekende schroefje is bevestigd zoals in het eerste plaatje dan is er geen hoek, maar roteert het buisje helemaal omhoog of helemaal naar beneden of staat precies horizontaal (of loopt hij vast op de bodem of op het oppervlak)
vraag is nu hoe dat kan dat in het 2e geval er een een stabiele hoek ontstaat en hoe de krachten en koppels getekend moeten worden om dat te kunnen verklaren.
Puzzels