Je bedoelt eigenlijk invertoren. Er zijn twee types invertoren: spannings- en stroombroninvertoren. Deze zetten een gelijkspanning om naar een enkel- of driefasenwisselspanning. Men probeert deze invertoren zo uit te voeren dat een zo sinusoïdaal mogelijk uitgangsstroom te verkrijgen.
(Een kleine opmerking: de stroombroninvertor heeft slecht een beperkt aantal toepassingen o.a. het aandrijven van grote draaistroommotoren)
De spanningsboninvertor wordt gebruikt om een gelijksspanning die bekomen wordt door vb. fotovolaïsche cellen om te vormen naar een wisselspanning.
Het basisprincipe hiervan is: een spanningsinvertor bestaat uit 6 (om een driefasespanning te bekomen) of 4 (om een enkelfase spanning te bekomen) "schakelaars" (MOSFETS, IGBT'S,Tranistoren) die zodanig worden aangestuurd dat de gelijkspanning wordt omgevormd naar een wisselspanning.
Waarom nu juist 6 of 4 "schakelaars"? Je moet er steeds 2 per fase nemen. Waarvan 1 voor de positieve alternantie en 1 voor de negatieve alternantie. Zo krijg je per fase een blokgolfvormige uitgangsspanning (met een positieve en een negatieve alternantie). In werkelijkheid zal de "schakelaar" per alternantie meerdere keren open en dicht gaan idpv slecht 1 keer.
Zo kan via PWB (puls width modulation of puls breedte modulatie) van de spannigspulsen opgewekt door de snel schakelende schakelaars de periode van de overkoepelende sinus, dus ook de frequentie (f = 1 / T) geregeld worden.
Een eenvoudig voorbeeldschema kan je hier vinden:
http://www.interq.or.jp/japan/se-inoue/e_ckt8.htm hier zie je duidelijk de 4 transistoren om een enkelfasige wisselspanning te verkrijgen (TR1 => TR4)
uitleg over PWM is hier te vinden
http://en.wikipedia.org/wiki/Pulse-width_modulation