Ik protesteer hierbij heftig tegen de wij-vorm die Wolffman gebruikt in zijn betoog. Ik behoor absoluut niet bij zijn totemgroep. Ik verzoek hem vriendelijk "wij" te wijzigen in "ik".
Terechte kritiek: ik wilde slechts mijn visie geven, en maakte daar onterecht gebruik van de wij vorm, (die overigens ook door vele gelovigen wordt gebruikt.).
Help me even op weg: wat bedoel je precies met "totemgroep". Evenmin als jij bij mijn "wij" wil horen, wil ik ongevraagd bij een totemgroep horen. Met een inhoudelijke reactie zouden wij (mijn vrouw en ik) ook wel blij zijn.
Bij deze dan de ont-wij-de versie, graag gedaan:
Bewijzen dat iets niet bestaat is principieel onmogelijk. Je kan dus nooit bewijzen dat God niet bestaat. Gelukkig maar voor vele gelovigen. Je kan hooguit aannemelijk maken dat Hij/Zij niet bestaat.
Daarentegen geldt ook dat het geloof in God het onverklaarbare verklaart. Voor alle zaken die inmiddels verklaard zijn, is geen God(en) nodig (Bliksem, oogstmissers, plagen, ziektes, ontstaan van de aarde enz, enz). Kortom een God is nodig voor de dingen die niet verklaard kunnen worden (bewezen). Daarmee wordt het bestaan van die God ook per definitie niet te bewijzen. Pech voor vele gelovigen. Ieder bewijs voor het bestaan van een God knabbelt dus wat af van het werk van die God. Want immers met het geven van een (deel)-bewijs wordt een verklaring gegeven voor dat bepaalde goddelijke deel. Omdat er dan een verklaring is voor dat goddelijke, is het niet goddelijk meer want het kan immers verklaard worden. Ofwel hoe meer wetenschap over God hoe minder Hij/Zij aan betekenis heeft.