Maar dat verklaart voor mij nog steeds niet waarom die spijker aangetrokken wordt. Ik zou zeggen dat dat energetische voordeel waar jij het over hebt behaald kan worden puur door de dipoolmomenten in de juiste richting te draaien.
Dit werd reeds uitgelegd:
"Merk op dat in ferromagneten de elektronen reeds kringetjes beschrijven. Magnetische velden in de buurt brengen zorgt er dan voor dat dit energetisch gunstig of ongunstig is. hierdoor krijg je afstoot-effecten (weg van het B-veld want dat is energetisch gunstig) of aantrekkingseffecten (naar het B-veld want dit is energetisch gunstig) Slechts bij zeer hoge velden zullen de kringstromen worden omgeflapt." In dat laatste geval ontstaat steeds een aantrekkende kracht, want hoe hoger het B veld, hoe gunstiger.
er ontstaat dus een kracht door een gradient in het B-veld
Ook 2 stroomvoerende draden trekken mekaar aan of stoten af... (dat is dan wéér een ander mechanisme op microscopisch niveau) Nogmaals, je verwart tussen energie geven aan 1 elektron en energie geven aan een macroscopisch materiaal met soms zeer ingewikkelde constitutieve vergelijkingen, dat bijvoorbeeld gebruik kan maken van een potentiële energie die los staat van enige kinetische energie van het elektron.
Uiteraard is er geen onderscheid tussen een elektrisch veld en een magnetisch (ze mengen immers op bij lorentztransformaties), dus zeggen dat het een elektrisch veld is dat dit doet is natuurlijk equivalent met zeggen dat het een magnetisch veld is dat dit doet.
(edit gedaan ivm de stroomvoerende draden)