Adpruys
hij eindigde op jonge leeftijd aan het kruis. het kwade straft zichzelf
en verdere reacties daarop.
"Zijn bloed kome over ons en onze kinderen" is eeuwenlang voor de RK een verklaring, goedkeuring en aanmoediging geweest voor de Jodenvervolging.
Klopt, maar het berust hier op een dramatisch misverstand. Net zoals met vele andere bijbelteksten, zoals "oog om oog, tand om tand" , werd (wordt nu nog) op een kwalijke wijze misbruik van gemaakt om onrecht en geweld ermee te rechtvaardigen en vanwege "oog om oog..." de God van het O.T. te degraderen tot een wraakzuchtige god.
Daar helpt maar één ding tegen: zoveel mensen vertrouwd maken met de inzichten van de moderne exegese. In het (verre) verleden werden "christelijke" vijandigheden, vervolgingen en vernietiging tegenover joden door naïeve oppervlakkige bijbellezers in "theologische" documenten gerechtvaardigd. Ook nu nog komt dat voor. Het gaat hier om hardnekkige misverstanden en vooroordelen.
Met als 'basis' o.m. de bekende dramatische zin uit het Mattheüsevangelie:
"Heel het volk riep als antwoord: 'Zijn bloed kome op ons en over onze kinderen!'"
(Mt.27,25)
Deze noodlottige zin van Mattheüs is alleen bij hem te vinden, als zijn eigen stof. Dit is geen historische uitspraak. Waar het verhoor van Pilatus ook plaatsgevonden mag hebben, er zou nooit plaats genoeg geweest zijn voor het 'hele volk', want er waren minstens 100.000 mensen in Jerusalem ter gelegenheid van het Pascha.
Deze uitspraak is veleer bedoeld als een
'zelfzegening' dan een zelfvervloeking, aangezien de uitdrukking herinnert aan de zegening van Mozes bij het sluiten van het verbond:
"Vervolgens nam Mozes het bloed, sprenkelde dat over het volk en sprak: 'Dit is het bloed van het verbond dat de Heer, op grond van al deze woorden met u sluit.'"(Ex 24,8)
Matteüs beoogde iets geheel anders met dit vers: hij wou Pilatus - en met hem de Romeinen - ontlasten van het verwijt dat ze een gerechtelijke moord hadden begaan, en daarom zadelde hij er de joden mee op. En hij was niet de enige die dit wou. Het was namelijk voor de eerste christenen om de bevolking van het Romeinse Rijk ervan te overtuigen dat een door de Romeinen terechtgestelde rebel, de verlosser van de wereld zou zijn. De eerste christenen hadden ook pijnlijke ervaringen met "de" joden: ze hadden immers bijna allemaal het geloof in Christus verworpen (hoewel Hij als één van hen gekomen was) en bovendien hadden ze de volgelingen van Christus uitgeloten van de synagogen en soms met geweld vervolgd ! Zie ook het verhaal van Saulus van Tarsus (later Apostel Paulus na zijn bekering) op weg naar Damascus.
Achter alle zogenaamde "anti" - joodse formuleringen in het NT moeten we iets dergelijks zoeken. Zelfs Paulus bezoedelde zich aan dergelijke uitspraken, maar kon uitgebreid in rake woorden, schrijven over Israëls uiteindelijke redding (Rom11,25v.)
"Al staan zij vijandig tegenover het evangelie omwille van u, toch blijven het Gods geliefden krachtens zijn uitverkiezing, omwille van de aartsvaders. Want God kent geen berouw over zijn genadegaven of zijn roeping." (Rom 11,28v.)
In het Johannesevangelie staat:
"...de redding komt immers uit de joden."(Joh 4,22)
Hieruit kun je besluiten dat men een onderscheid moet maken tussen wat
tijdgebonden is en wat
blijvende waarde heeft.
De vroeg-christelijke "vijandigheden" tegenover de joden (die veel onschuldiger was dan die van de Middeleeuwen of van de Nieuwe Tijd) was een triest gevolg van concrete omstandigheden na de dood van Jezus. Jezus, die zelf een jood was, heeft nooit zo gesproken. Hij wist zich immers gestuurd
"naar de verloren schapen van het huis van Israël"(Mat. 15,24) Een anti-joodse (of antisemitische) instelling was dus op geen enkele wijze christelijk gefundeerd. Het is meer dan erg dat de kerkgeschiedenis zoveel bloedige sporen nagelaten heeft van misdaden van çhristenen' aan joden.
Daarom is de
moderne bijbelexegese en kennis van die tijd zowel van het jodendom als het eerste christendom van levensbelang.