Alternatief 1:
De afstand die het middelpunt van de kleine munt aflegt bedraagt
\(2\pi(r+R)\)
(de omtrek van een cirkel met straal
\(r+R\)
. Uiteraard leggen ook alle andere punten van de munt deze afstand af.
De kleine cirkel is dus
\(\frac{2\pi(r+R)}{2\pi r} = \frac{r+R}{r} = 1 + \frac{R}{r}\)
Alternatief 2:
Verklein de grote munt tot hij straal 0 heeft (en dus eigenlijk een punt is). Wanneer de kleine munt er nu rond draait, legt hij één omwenteling af. Dit komt overeen met antwoord A (antwoord B zou 0 opleveren). Probleem hier is wel dat in de opgave gesteld werd dat een kleine munt om een grote munt draait en een munt met een straal kleiner dan 0 gaat niet. Dit is op te lossen door de grote munt niet straal 0, maar gewoon een erg kleine straal te geven.
Alternatief 3:
Probeer het gewoon eens uit met twee euro's. Je zult merken dat de ronddraaiende munt twee omwentelingen beschrijft. Dit komt overeen met antwoord A (antwoord B zou 1 omwenteling opleveren).
Geloof niet alles wat je leest.
Heb jij verstand van PHP?
Word Technicus en help mee om Wetenschapsforum nog beter te maken!