Zou iemand mij kunnen helpen met deze oefening:
Een massa m hangt aan een veer met een krachtconstante k=50 N/m. Men laat de massa wrijvingsloos oscilleren en we meten nu een frequentie f0 = 5,000 Hz. In aanwezigheid van wrijving daalt de frequentie tot f1 = 4,999 Hz. Gevraagd:
a) Bereken de wrijvingscoefficiënt b
b) Na hoeveel tijd zal de amplitude van de oscillatie gedaald zijn tot 5% van zijn vertrekwaarde?
c) Voor welke b is er een kritische demping?
Voor a) weet ik dat w'= ((k/m)-(b/m)²)^1/2, hieruit kunnen we b halen en m=k/w²
Maar waaruit haal je w'?
Uit f0 en f1 kan je w0 en w1 vinden, maar is w' dan gewoon het gemiddelde van die 2?
Voor b) dacht ik A te berekenen via x(t)=A0e^(-bt/2m)cos(w't) en A=A0e^-1, klopt dit?
Voor c) dacht ik b te berekenen uit x(t)=(A+Bt)e^(-bt/2m), maar waar haal je B uit?
Alvast bedankt!
Puzzels