Het enige wat de mensen hier proberen is een discussie te houden die niet vol zit met logische valkuilen. Je hebt een slechte plek uitgezocht om zieltjes te winnen: op een wetenschapsforum waar bijna iedereen de logica aanhangt!
Logica? Wanneer kan men zeggen dat iets logisch is? Moet ik vertellen hoe wetenschappers iets verklaren? Ze nemen iets waar en dan proberen ze een verklaring voor te vinden. Of het de juiste verklaring is dat interesseert hen niet, het moet alleen verstaanbaar zijn. Dat is logica.
Weten jullie hoe Darwin op het idee kwam dat we uit de wereld van de apen stammen? Hij keek naar een aap en dan in een spiegel en vervolgens zei hij dat wij apen zijn. Noemen jullie dat een verklaring?
Het is niet dat de DNA van apen op die van mensen lijkt dat we ook werkelijk apen zijn. Zo kan ook elk kleuter zijn conclusies trekken.
Ik denk niet dat het woede is wat wij voelen. Het is eerder een vorm van onbegrip. Net als dat jij sommigen van ons waarschijnlijk niet kunt begrijpen!
Ik begrijp jullie zeer goed want toen ik klein was dacht ik op dezelfde manier als jullie.
Vorig jaar had ik een out-of-body experience.
Dat ging heel ver, ik heb zelfs even met God gesproken.
Goeie kerel wel hoor (ja, het is toch een man).
Kom ik daar, aan de spreekwoordelijke hemelpoort, blijkt dat 'ie half open staat. Uithangbordje ernaast: "tapvergunning".
Ik dacht: "Laat ik maar naar binnen gaan en eens vragen waar ik hier in 's hemelsnaam zit."
Ik naar binnen. Nou, dat bleek best een gezellig café te zijn, daar had ik wel een tijdje willen blijven. Niet al te druk, je kon je er prima verstaanbaar maken. In ieder geval liep ik door naar de toog en ik sprak de caféhouder aan.
"Goeiemiddag", zei ik.
"Hoi", zei God.
"Meneer, kunt u mij vertellen waar ik hier terecht ben gekomen?"
"Nou, nou", sprak God, "je hoeft geen meneer tegen mij te zeggen hoor, iedereen hier noemt me God, maar eigenlijk heet ik Bert."
"OK Bert", zei ik (ik spreek graag eenieder aan bij zijn echte voornaam),
"volgens mij ben ik een soort van dood of zo. Vertel me eens, wat is dit?"
"Tja", sprak God, "dit is nou 'De Hemel'."
Hij sprak het een beetje onverschilig uit en hij leek me niet helemaal tevreden, daarom vroeg ik: "Mm.. niet al te veel klandizie of wel?"
"Dat heb je goed gezien", antwoordde hij, "de meeste mensen fietsen maar wat rond en de anderen zitten in café 'De Hel'. Kwestie van lokatie denk ik, ze geloven eenvoudig niet dat hier in deze uithoek ook nog een café zit."
Ik bestelde een biertje.
"Hoe is het in 'De Hel' dan?", vroeg ik.
"Tja, ze schenken daar alleen Duvel, consumptie verplicht, en ze hebben geen airco", antwoordde God terloops, terwijl hij mij een perfect koel biertje tapte.
"Aw, ****", zei ik.
U moet weten dat ik niet goed tegen drank kan, dus ik had ineens medelijden met diegenen die daar terecht kwamen. Ik begreep ook waarom de deur van de Hemel half open stond: zoveel mensen kwamen hier niet. Iemand die op Petrus leek zat in een rustig hoekje zeer verdiept in een potje schaak.
God keek op zijn horloge en daarna keek hij mij aan. Hij wou iets zeggen, dat voelde ik wel.
"Wat is er?", vroeg ik.
"Je moet zo terug", zei hij.
"O, jammer", antwoordde ik verbaasd.
"Joa..", zei God, "drink eerst maar rustig je biertje op, daarna zal Gabriel je wel even een stukje op weg helpen."
"Gabriel?", vroeg ik.
"Ja, dat is jouw beschermengel. Je hebt het aan hem te danken dat je hier effe kon zijn."
"Cool", zei ik.
God knipoogde.
Ik had mijn biertje bijna op, maar ik had nog één brandende vraag in mijn hoofd.
"Bert?", vroeg ik, om God's aandacht te trekken.
God was even weggelopen om de bitterballen uit de frituur te halen.
Hij draaide zijn hoofd in mijn richting, maar bleeft ondertussen met zijn ogen op de frituur gericht: "Wat is er?"
Ik sprak een beetje voorzichtig, want ik wilde hem niet op zijn tenen trappen:
"Nou.. als jij God bent, waarom is het op Aarde dan zo'n puinzooi?"
Zijn antwoord verbaasde me en zal me altijd blijven verbazen, alhoewel het eigenlijk heel logisch is:
"Ja HALLO!", sprak hij, lichtelijk geïrriteerd, "wie moet er dàn voor de bitterballen zorgen?"
Daarna, zonder waarschuwing, vervaagde de hele scène alsof het ineens heel mistig werd. Toen ik wakker werd lag ik op straat en ik had alleen een schram op mijn knie, een meterje verder lag mijn fiets in een diepe, droge sloot.
Ik stond strak van de adrenaline, viste terstond mijn fiets uit de sloot, zette het zadel recht en fietste verder (mijn fiets kan wel tegen een stootje).
Terwijl ik verder fietste bedacht ik me: "Wat een mazzel, ik had mijn nek wel kunnen breken.."
Zo antwoorden mensen (meestal wetenschappers) als ze iets niet kunnen verklaren.
als die god alles weet enzo dan weet hij ook of je dood bent of niet.
het is toch vreemd dat je even dood bent, heel even naar de 'hemel' op weg bent, en dan weer terug gaat omdat je toch niet dood blijkt te zijn?
Soms geeft Hij iemand een kans om van mening te veranderen of om andere mensen te kunnen overtuigen van Zijn bestaan.
als God zo vergevingsgezind, liefdevol en aardig is, waarom worden er dan zo veel vrouwen verkracht in Afrika, terwijl hun families sterven van de honger?
Het is niet God die voor ellende zorgt het zijn de mensen zelf, als ze elkaar helpen dan kan er geen armoede, verkrachtingen,.. op aarde zijn.
Probeer logisch, objectief en kritisch naar de feiten te kijken.
'Logisch' redeneren is niet altijd 'juist' redeneren.
En stel nou dat je een beetje bang bent voor God, of voor een beoordeling? Of dat je te lui bent en dus geen zin hebt in een oneindig bestaan? Ja, dan zou het mooi zijn om lekker lang niks te doen
jullie zeggen het zelf: jullie zijn bang om te geloven
Mocht er leven na de dood zijn dan merken we dat toch allemaal?
Als jullie het merken dan is het ook te laat voor om te geloven, want jullie krijgen geen tweede kans (misschien als jullie een dood ervaring meemaken).
Er zijn duizenden profeten en velen vertellen wat anders waar in maak je dan het onderscheidt?
Als je dat aan God verteld.... Dat is een uitvlucht.
Zou het niet zo kunnen zijn dat de hemel ons aardse bestaan is en dat we na de dood weer naar een nieuw aards leven verlangen
(reincarnatie).
En ik dacht dat jullie niet in een ander leven geloofden.