317070 schreef: ↑di 08 mei 2012, 01:50
Waar ik al helemaal niet achter kan staan is
moreel subjectivisme, het idee dat moraliteit terug gaat op gevoel eerder dan rationaliteit. Daarom kan ik niet achter Bartjes zijn idee staan, of ik moet hem verkeerd begrijpen.
Ik heb vroeger ook intensief naar een objectieve moraal gezocht, maar ik heb deze niet gevonden. Geen enkele filosoof is trouwens op een
aantoonbaar juiste moraal uitgekomen. Ondanks duizenden jaren denkwerk! Er is ook nuchter beschouwd niets dat wijst op het bestaan van objectief juiste morele uitspraken. Maar dat mensen ertoe komen om zoiets te veronderstellen is wel weer heel begrijpelijk. Mensen zoeken houvast en voelen zich ongemakkelijk bij de gedachte dat zij in het leven niet op een hogere autoriteit of waarheid kunnen terugvallen waaraan ze hun gedrag en keuzen kunnen toetsen.
Dat moraal eerder teruggaat op gevoel dan rationaliteit is evident, rationaliteit op zich is ethisch neutraal. Tenzij je een volstrekt willekeurige keuze van morele uitgangspunten zou willen maken. Normaal gesproken kies je die uitgangspunten die als lovenswaardig
aanvoelen. Het
logisch bewijzen van morele uitgangspunten is uitgesloten: je kan immers vanuit empirische en/of logische beweringen nimmer tot ethische beweringen geraken (
is/ought barrier).
Ook stel ik ook niet dat een iemand met een consistent moreel systeem automatisch goed bezig is, ik stel dat iemand met een inconsistent moreel systeem automatisch slecht bezig is. Beide zijn niet hetzelfde.
Ik propageer geen inconsistent systeem in de zin van een logische systeem waarin alles tegelijk
bewijsbaar waar en onwaar is, dat zou met recht onzin zijn. Wat ik wel beweer is dat een logisch consistent systeem niet automatisch beter is dan een vorm van ethiek
zonder systematische logische uitwerking (waarvan ik in een eerder berichtje wat voorbeelden gegeven heb).
Jouw gehamer op consistentie leidt naar mijn gevoel tot absurde consequenties:
Neem twee broers H (van hypocriet) en B (van bruut). Zij komen uit een gezin waarin scharrelvlees gegeten wordt, maar zijn nu zo oud dat ze op zichzelf kunnen gaan wonen. Vervolgens lezen ze op internet de hier lopende discussie. Ze gaan naar een slachterij om de proef op de som te nemen. Broer H kan zich er niet toe zetten een dier te slachten, broer B heeft er geen moeite mee. Toch blijft H scharrelvlees eten. Maar B gaat eens goed bij zichzelf te raden en stelt vast dat hij het eten van scharrelvlees eigenlijk maar kinderachtig gedoe vindt, en zonde van het geld bovendien. Broer B koopt verder net als Jan Modaal goedkoop vlees afkomstig uit de bio-industrie, en brengt daarmee zijn gedrag in overeenstemming met zijn onverschilligheid tegenover de dierenwereld. Broer H blijft hangen in een ietwat ongemakkelijke tussenpositie waarbij hij zich niet helemaal gerust voelt bij de gedachte dat er voor zijn lapje vlees dieren geslacht worden, maar hij het ook weer te veel gevraagd vindt om vegetariër te worden.
Ik zou nu zeggen dat H meer gevoel voor zijn medeschepselen in zijn donder heeft dan B, en er zich daar ook meer voor ontzegt. Daarom kan ik voor de positie van H meer waardering opbrengen dan voor die van B. Wie onverschillig in het leven staat hoeft nu eenmaal minder (tegenstrijdige) belangen met elkaar te verzoenen. Bij jou ligt de waardering precies andersom - of begrijp ik dat verkeerd?
Dit voorbeeld schetst eigenlijk mijn hele positie op ethisch gebied. Er zijn zekere waarden, deugden en personen die ik in ethische zin bewonder. Ik weet niet of dat in objectieve zin juiste idealen zijn (als er al zoiets bestaat), maar mij spreken ze aan. Tegelijk besef ik dat de wereld dusdanig in elkaar steekt en dat mijn wilskracht ook dusdanig tekort schiet dat dergelijke idealen voor mij maar in zeer beperkte mate te realiseren zijn. De waarden die ik onderschrijf zijn ook niet altijd met elkaar te verenigen, maar zij zijn mij te lief om een keuze te maken. Het leven is een rommelige bedoening, waarbij het nooit helemaal zal lukken de zaken zo aan te pakken als je graag wilt. En in sommige gevallen
is er niet eens een aanpak mogelijk die bevrediging schenkt. Kortom: het leven volgens een consistent ethisch systeem is volgens mij een illusie.
En daar laat ik het bij. Duidelijker kan ik mijn positie niet schetsen zonder een heel boekwerk te schrijven.