Nog steeds hebben we het over theorien en aannames. Het is niet bewezen dat de lichtsnelheid constant is, het is ook niet bewezen dat niets sneller kan dan het licht. Het is zelfs niet bewezen dat tijd een 4de dimensie is, maar een theorie. Ruimte-tijd is niet bewezen maar een theorie, een model. En zoals elke theorie, kan ook deze theorie onjuistheden bevatten of compleet verkeerd zijn.
Een natuurkundige theorie is niets meer dan een wiskundig model, dat zo goed mogelijk bij alle bekende waarnemingen past.
Tot de proef van Michelson en Morley was de Newton mechanica. Toen merkten we ineens dat de natuur zich anders gedroeg dan we gedacht hadden en kwamen de SRT en de ART.
Ook de Quantummechanica kwam omdat uit experimenten bleek dat de natuur zich anders gedroeg, dan we tot op dan verwacht hadden.
Het is goed mogelijk, dat we binnenkort op verschijnselen stuiten, die ons dwingen om totaat nieuwe theorieen te ontwikkelen.
Een theorie kun je zo'n beetje interpreteren als een lijn, die zo goed mogelijk door een aantal meetpunten gelegd is.
Voorspellingen over uitkomsten voor punten, die tussen die punten liggen zijn wel accuraat. Maar over hoe je die lijn buiten het meetgebied moet doorzetten is minder duidelijk. buigt hij naar boven? naar beneden? volgens welke functie? Extrapolatie is veel meer speculatief dan interpolatie.
Wij hebben weinig directe metingen voor gedrag bij grote gravitaties.
Verder komen wij bij elementaire deeltjes bij steeds hogere energieen.
Dit zijn dus voorbeelden van gebieden, die tot fundamenteel andere nieuwe theorieen kunnen leiden