Bij speciale relativiteit moet je erg goed opletten en in de minicursus zal waarschijnlijk wel het Michelson-experiment opgenomen zijn (eerste bewijs dat er iets bijzonders is met licht en dat wordt verklaard door de SRT)
We moeten steeds met referentiestelsels spreken.
bvb: ik sta stil en mijn broer fietst aan de constante 20km/u, dan zijn wij twee verschillende "inertiaalwaarnemers" in twee verschillende inertiaalstelsels. Inertiaalstelsels zijn stelsels waarin de wetten van Newton gelden (met andere woorden: ze versnellen niet maar ze mogen wel verschillende snelheid hebben (verschil = constant)).
't Komt er dan op neer dat Einstein vertelt dat de snelheid van het licht constant is in elk inertiaalstelsel. Met andere woorden: als ik de lichtsnelheid meet of als mijn broer dat doet => we zullen beide 't zelfde meten (uiteraard want 20km/u is niet erg snel)
maar ook al ga je aan 0.8c tov mij bewegen, toch zal voor jou de lichtsnelheid 3e8m/s blijven, en ook voor mij zal dat evenveel zijn! Wij zien elkaar bewegen aan 0.8c, maar beide meten eenzelfde lichtsnelheid.
Intuitief is dit niet duidelijk en je kan het enkel waarnemen door allerlei experimenten te doen...
Puzzels