In de astrologie vindt men het fijn om begrippen als "conjunctie", "oppositie", "dierenriem" en "matrix" te gebruiken; het zijn termen die door de wetenschap (sterrenkunde/wiskunde) zijn ingevoerd om de dynamiek van de natuur mee te beschrijven. Door de verschillende krachten die op de planeten onderling, en vanuit het centrum van de melkweg op ons zonnestelsel werken, veranderen de posities van de planeten voortdurend.
Er is geen enkele reden om aan te nemen dat de snelheid van een planeet, of de x,- y,- en z-coördinaten van een planeet t.o.v. van het referentiepunt te maken hebben met menselijk gedrag. In feite zijn we een stel intelligente apen die min of meer toevalligerwijs zijn ontstaan; we bestaan uit dezelfde atomen als al het andere normale materiaal in ons universum. Bovendien is die kennelijk gesuggereerde informatie-overdracht tussen de stand van de sterren/planeten en ons/de aarde nooit gemeten.
Maar goed, je kan er in geloven inderdaad. Je kan geloven dat een astroloog daadwerkelijk horoscopen kan maken op basis van het feit dat een of andere supernova de stand van Venus met enkele boogseconden aan de hemel heeft veranderd, en je kunt denken dat de relaties tussen mensen enig verband houden met hoe de maan, een toevallig ingevangen brok steen van ruim 7*1022 kg, om de aarde draait. Het tegendeel is immers veel te lastig te bewijzen, omdat menselijke relaties heel complex zijn. Echter, aannemelijk is het natuurlijk niet.
Verder wil ik nog zeggen dat het universum best wel groot is, een oneindig groot vlak dat zich voortdurend uitdijt, waarin heel veel baryonische materie, donkere materie en donkere energie zit. Waarom zouden precies die kleine flintertjes materie, de planeten in ons zonnestelsel, iets "te zeggen hebben" over die andere kleine drupjes materie, onze breinen, en hoe die breinen functioneren?
Puzzels