Johan_vd schreef:Zo'n beetje het eerste gesprek
van mij met een evolutionist die niet zo snel uitmond in een nutteloze opsomming van de enorme hoop
informatie op internet over zogenaamd bewijs van de evolutietheorie.
Is trouwens wel steeds meer offtopic

(heb net mijn waarschuwingsniveau verlaagd naar 10%

)
Wat aardig om zoiets te zeggen!
Daarom, en omdat de vragensteller inmiddels naar mijn idee wel is bediend, is het misschien wel gepermitteerd enigszins off topic te reageren en uiteindelijk toch weer bij de oorspronkelijke vraag terug te keren.
Ik heb van biologie al helemaal geen verstand en van de evolutietheorie niet meer kennis dan wat valt onder de noemer algemene ontwikkeling. (Van Darwin als historisch persoon en de historische betekenis van zijn theorie weet ik wel iets af maar dat is hier niet ter zake doende).
Ergens is mij er op gewezen dat ik oorzaak en gevolg omdraaide toen ik meende te mogen stellen dat besef van leven (inderdaad niet anders dan een woordconstructie) verklaarbaar was uit de evolutie van het menselijk brein en dat die evolutie (d.w.z. toename van het hersenvolume) -mede- het gevolg was van het onderhouden van steeds ingewikkelder sociale relaties. (de evolutie kan niet vooruit denken daar ben ik het natuurlijk wel mee eens)
Ik zie die tegenwerping als onterecht omdat ik wel een analogie zie met Marx onderscheid tussen onder- en bovenbouw. Marx stelt, heel simpel gezegd dat ideeën altijd een materiële basis hebben. Voor elke gedachte is een materiële grondslag
Marx stelt verder dat er wel een wisselwerking is tussen onderbouw (die het primaat heeft) en bovenbouw (die uit de onderbouw voortvloeit). Maar vanuit de bovenbouw is er ook invloed op de onderbouw en ontstaat er een nieuwe situatie (these-antithese-synthese, de bekende trits). Een man ziet een boom (onderbouw) en die boom maakt in de man de gedachte (bovenbouw) los om de boom om te hakken. Nu is de onderbouw veranderd en dat heeft tot consequentie dat ook de bovenbouw weer verandert enz enz enz.
Wat betreft het ontstaan van hogere gevoelens heeft zich iets dergelijks kennelijk afgespeeld in/rondom het menselijk brein. Aanpassing aan de omgeving is o.a. mogelijk gebleken door het selecteren op grotere hersencapaciteit. De hand met opponeerbare duim die een grotere hersencapaciteit vergt in verband met een verfijndere motoriek en hand-oog coördinatie, het jagen in groepen, het ontstaan van taal (heel laat in de evolutionaire ontwikkeling; het spraakbotje is meen ik 200.000 jaar oud) zijn allemaal voorbeelden van die onderbouw/bovenbouw effecten. (is er eenmaal een rudimentaire taal en zij is nuttig in de strijd om het bestaan, dan leidt dit weer tot selectie van individuen die vaardig zijn in het hanteren van taal enz.).
Heel aardig vond ik ooit een en ander concreet gemaakt in een inmiddels zon 30 jaar oude film The Quest for Fire. Hoewel er op de film heel veel af te dingen valt, sneed de film juist in dit verband een aantal aardige onderwerpen aan. Op bioscoopgeschikte (nieuw woord) wijze werd in de film aangestipt het ontstaan van humor, (ideaal voor het oplossen van conflicten binnen een kleine groep), het ontstaan van monogamie ( succesvol opbrengen nageslacht) en het besef van individualiteit (voortplanting met naar de partner toegewend gelaat) èn ook het ontstaan van religieuze gevoelens. Aan het happy (uiteraard het was voor de bioscoop) end is de hoofdpersoon uit deze woordeloze rolprent een moment van rust gegund en zie je hem de daarna voor eeuwig geldende vraag stellen: Wie ben ik. Tja, hij is de nieuwe mens, de uitvinder van het begrip IK , even geniaal als het begrip 0.
Maar ik impliceert ook de ander, jij of hij maar ook zij die er niet bij horen, of wij die dat wel doen. Inmiddels is zijn brein niet alleen in staat die begrippen te vormen, hij kan ze ook onder woorden brengen. In Marquez100 jaar Eenzaamheid is dat in de eerste regels heel mooi samengevat: De wereld was zo jong toen dat de mensen geen tijd hadden gehad om voor alle dingen een woord te bedenken. Maar toen die woorden er kwamen maakten die weer nieuwe woorden noodzakelijk èn schiepen nieuwe mogelijkheden. Vele, vele woorden en toch kon er nog veel niet gezegd worden. Een roos, is een roos is een roos. Dat ontzaglijke besef van hoeveel er wel niet is en hoeveel je wel niet weet. Hoe klein is dat ik niet in vergelijking met die grote wereld.
Mooi is de film omdat ze een open einde heeft. Hoe langzaam ging dat leren niet aanvankelijk en hoe duizelingwekkend snel verloopt het niet daarna, denkt de toeschouwer bij het verlaten van de zaal. The Take Off heeft plaats gevonden en duizelingwekkende hoogten worden misschien ooit bereikt.
Men leerde tellen met vingerkootjes (12 stuks exclusief duimen) en leerde te tellen van 1 (ik) tot veel en tenslotte van 0 (dood) naar oneindig (God).
Maar die ene vraag: wie ben ik, die is nog niet beantwoord. Behalve door Popeye The Sailorman: I yam wahdiyam and thats whoIyam.
Helaas is dat velen niet genoeg, die willen ook weten waarom ze zijn wie ze zijn.
Simpel: het resultaat van toeval. De dobbelsteen is op 1 (of 6? -voor 2 t/m 5 zijn we te ijdel-) gevallen.
God is in mijn ogen niet anders dan een besef van nietigheid, religie niet anders dan een sociologisch verschijnsel. Bijproducten van een brein met overcapaciteit. Maar dat kun je ook zeggen van het gevoel voor muzikaliteit en een oog voor schoonheid. Toch wel fijn.
Het verlies van dat besef van nietigheid (19e eeuws) is geen vooruitgang. God is dood riep Nietzsche en de kerken bleven leeg. Al voordat die gebouwen waren afgebroken stond Auschwitz op de kaart.
Het besef van leven was er toen al lang, het respect er voor verdwenen.
(niet alleen off-topic maar zelfs "none-topic)
