Laurentius schreef:Ter ondersteuning van het mbti instrument wil ik hier aangeven dat mbti door professionele psychologen gebruikt wordt om mensen te categoriseren. Ik werk bij Fortis Bank en daar is het heel normaal dat mensen vanaf een bepaald niveau een mbti test ondergaan en onder andere obv de resultaten hiervan een ontwikkelingsplan maken, het instrument heeft in de psychologie dus zeker wel waarde. immers mbti heeft Meyer & Briggs jaren van ontwikkeling gekost. Dit neemt natuurlijk niet weg dat het hier gaat om een zelfbeeld.
Het grappige is dat de lengte van dit item al een beetje aangeeft hoe de INTP ers in elkaar zitten, we blijven theoretiseren over een onderwerp ( volgens mij zijn de meeste deelnemers aan deze discussie INTP er).
Kortom: je kunt kritiek leveren op de mbti, maar het is zeker geen onzin.
Goh, de tweefactorentheorie van Herzberg werd ook toegepast in de bedrijfswereld tot de jaren 1990 maar was al verlaten in de jaren 1960 in de wetenschappelijke wereld.
Dat psychologen dat gebruiken is gewoon omdat het eenvoudig krachtig middel is. Vier variabelen..pif poef paf en je hebt een uitkomst.
Het gévaar dat ik al hier eeuwen hebben zitten uit te doeken doen is dat het de werkelijkheid (lees: je persoonlijkheid) vereenvoudigt. En , ja hier komt het weer, alleen als kapstok kan fungeren: Aha die neigt misschien naar introvertie. (En niet: hij is introvert)
Daarenboven kan je stellen dat niet alle relevante aspecten zijn opgenomen. Daarnaast kan je stellen dat het niet je persoonlijkheid meet maar je zelfbeeld of je metazelf (cf.blinde vlekken van je persoonlijkheid)
Kortom: wij leveren een gedegen kritiek, (waar blijven trouwens die correlaties?) maar als jij dat in praktijk wilt gebruiken..ga u gang maar denk aan de profetische woorden dat gij vaak fout zult zijn in het oordeel over anderen, alleen te gebruiken voor jezelf beter te kennen dus..
Bon, ik heb gezegd. Ik maak me er niet meer moe aan.
Besluit: Wetenschappelijke waarde: nouga! Praktische waarde: een beetje maar niet absoluut (hélas zal ergens iemand deze raad ten schappe nemen en de scores alleen alss richtinggevend aanzien)
Als afsluiter komt deze site akelig dicht in de buurt wat wij hebben verkondigd:
Wat is de MBTI waard vanuit wetenschappelijk oogpunt?
Theoretische basis
De schalen en persoonlijkheidstypen van de MBTI vinden hun basis bij de bekende, zij het niet onomstreden Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung (1875-1961) en met name diens in 1921 verschenen boek over psychologische typen. Jungs theorieën zijn niet zonder problemen. Behalve dat Jung niet altijd makkelijk te volgen is vanwege zijn schrijfstijl en vanwege overlap en verschuivingen in zijn omschrijvingen, omvatten zijn typen trekken die empirisch niet blijken samen te hangen. Hij stelt bijv. dat extraverten moreel conventioneel zijn, maar in werkelijkheid is dit even vaak waar als onwaar (McCrae en Costa, 1989).
Men kan zich bovendien afvragen of de MBTI een goede operationalisatie is voor Jungs theorie en begrippen. Jung gaat uit van een ingewikkeld samenspel van bewuste en onbewuste factoren. Men denke aan zijn begrippen 'anima' en 'animus', die staan voor de altijd aanwezige, zij het meer of minder sterke vrouw in de man en de man in de vrouw. Volgens McCrae en Costa zou Jung het niet eens kunnen zijn met een operationalisatie van zijn theorie met behulp van een vragenlijst die uitsluitend een appel doet op de bewuste kant van de persoonlijkheid. Of zij daar gelijk in hebben valt nog te bezien. Op het internet wordt althans geciteerd uit een brief uit 1950 van de toen 75-jarige Jung aan Isabel Myers-Briggs, waarin hij zegt haar inspanningen niet te willen of te kunnen bekritiseren en haar zelfs aanmoedigt.
Hoe dan ook, op verschillende punten blijken de onderzoeksgegevens met de MBTI niet in overeenstemming met Jungs theorieën. Zo zouden mensen volgens Jung bij het ouder worden hun hulpfuncties (d.w.z. de niet dominante functies) in een 'individuatieproces' moeten ontwikkelen. De MBTI daarentegen beschouwt de voorkeuren als bij de natuur van de persoon behorend, net als links- of rechtshandigheid. En inderdaad blijkt uit de onderzoeksgegevens met de MBTI niets van individuatieprocessen, althans volgens McCrae en Costa (p. 32), die concluderen: "
those who embrace Jung's theory should probably avoid the MBTI".
Psychometrische kwaliteiten
Alert Management Consultants, de officiële distributeur van de MBTI voor de Benelux, prijzen het instrument aan als 'uiterst betrouwbaar' en 'door honderden onderzoeken tijdens de laatste 50 jaar gevalideerd', maar hierop valt het een en ander af te dingen. Het is waar dat er in Amerika veel onderzoek rond de MBTI is verricht. De resultaten zijn echter vaak gemengd of onduidelijk, dus lang niet altijd positief (zie bijv. het overzicht van Fitzgerald en Kirby, 1997).
In de Nederlandse situatie is met de Nederlandse versie nog slechts weinig onderzoek verricht. Vermeulen (1996) analyseerde de MBTI scores van in totaal 362 cliënten van een psychologisch adviesbureau. Uit zijn berekeningen blijkt dat de betrouwbaarheid van geen van de acht schalen volgens de normen van de COTAN (Commissie Testaangelegenheden van het Nederlands Instituut van Psychologen) 'goed' genoemd zou kunnen worden. De betrouwbaarheid komt nergens hoger dan .82 (bij de schalen Beheersing en Waarneming). Twee schalen (Intuïtie en Gevoel) hebben een betrouwbaarheid lager dan .70 hetgeen als onvoldoende moet worden gekenschetst. De eerlijkheid gebiedt hieraan toe te voegen dat talloze andere in de praktijk in Nederland gebruikte persoonlijkheidstests op dit punt niet beter scoren.
De gegevens over de validiteit zijn evenmin om over naar huis te schrijven. De verwachte correlaties met andere tests komen in het overgrote gedeelte (20 van de 27) van de gevallen niet uit. "Deze cijfers geven geen aanleiding om de MBTI tot een valide instrument te bestempelen", concludeert Vermeulen.
Mogelijk één van de belangrijkste psychometrische problemen bij de MBTI ligt in de dichotomisering bij de schaalduo's: een cliënt die score 11 heeft bij Extraversie en 10 bij Introversie behoort bij de Extraverte persoonlijkheidstypen, net als iemand bij wie de scoreverhouding 20-1 is. Bij de omzetting van de schaalscores tot de persoonlijkheidstypen treedt aldus een aanzienlijk informatieverlies op. Deze gang van zaken is eigenlijk alleen te verdedigen als de schaalscores bimodaal oftewel tweetoppig verdeeld zouden zijn. Hiervan is echter geen sprake. Ook de MBTI schalen zijn 'normaal' verdeeld (veel scores in het midden, weinig aan de extremen).
De waarde van de MBTI voor de praktijk
Op grond van de kritiek die vanuit psychometrisch oogpunt op de MBTI geleverd kan worden is het niet verwonderlijk dat er ook tegenstanders van het instrument zijn. Zo schrijft de auteur van de 'Skeptic's Dictionary' op internet over de MBTI: "The test encourages and embraces harmful delusions". Heeft hij gelijk?
Ruud Boerkamp van Psychologisch Adviescentrum Rotterdam en Bernard Wormgoor, adviseur bij het Mobiliteits- en Leercentrum van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, vinden de MBTI een nuttig instrument. Zij vertellen frappante verhalen, bijv:
* Een manager realiseert zich n.a.v. zijn MBTI uitslagen waarom hij het in zijn sterk beheersmatige omgeving niet naar de zin heeft en wordt tot zijn tevredenheid binnen zijn bedrijf leider van innovatieprojecten.
* Een adviseur is in eerste instantie verbaasd over zijn hoge uitslag op Intuïtie, maar geeft zich er in tweede instantie rekenschap van dat hij naar buiten toe weliswaar heel rationeel is, maar dat de ratio van binnen gestuurd wordt door intuïties. Dit is voor hem een eye-opener en hij leert bewuster en met meer vertrouwen met zijn intuïtie om te gaan.
Op zich ogen deze verhalen wellicht niet spectaculair, misschien zelfs wat simpel, maar zo is dat nu eenmaal vaak bij eye-openers. Zeker is, dat de MBTI soms (want lang niet alle cliënten zijn even enthousiast) mensen bewust maakt van een bepaalde kant van zichzelf. Bij mensen 'die niet lekker in hun vel zitten' of bij samenwerkingsproblemen kan de MBTI inzicht geven in wat er mogelijk aan de hand is en daarmee de
richting voor een mogelijke verbetering. Belangrijk bij dit alles is dat de MBTI persoonlijkheidstypen steeds beschreven worden in positieve, opbouwende termen: het instrument helpt mensen daardoor zichzelf en anderen te
accepteren zoals ze zijn. Het ene type is niet beter dan het andere type. Wel kunnen ze elkaar aanvullen en van elkaar leren. Deze benadering maakt dat de MBTI uitdrukkelijk niet bedoeld en ook niet geschikt is voor selectie-vraagstellingen.
De MBTI kan wel een hulpmiddel zijn bij verheldering van samenwerkingsproblemen en bewustwording en zelfacceptatie bij loopbaanvragen.
Al met al lijkt het erop, dat, gezien de psychometrische zwakke punten, niet uitgesloten kan worden dat de MBTI wel eens 'delusions' op kan leveren. Als dat het geval is, lijken ze echter weinig of niet 'harmful'. Zij lijken vaak eerder weldadig. De positieve benadering stimuleert en moedigt aan. Het onderliggende begrippenkader is voor veel mensen (zie bijv. ook Razenberg en van den Bosch, 1997) kennelijk buitengewoon inspirerend.
Zelf zou ik echter de voorkeur geven aan een andere nieuw instrument, de NEO PI-R. Wat er gemeten wordt komt in wezen ongeveer op hetzelfde neer, zoals McCrae en Costa (1989) laten zien. Alleen zijn de hoofdschalen van de NEO aanzienlijk betrouwbaarder (.86 tot .92) dan die van de MBTI. De NEO meet ook 'negatieve' aspecten, die bij loopbaanvraagstukken van groot belang kunnen zijn, o.m. in de schaal Neuroticisme. Voorts levert de NEO PI-R aanzienlijk gedifferentieerder uitslagen in de vorm van 15 'facetschalen' (die overigens ook lang niet allemaal betrouwbaar zijn). Een mogelijk nadeel is dat de NEO meer aan de oppervlakte blijft.
Persoonlijk heb ik nooit zo gehouden van typologieën. Typen suggereren dat verschillende trekken bij elkaar horen en bieden kant en klare, stereotype rolinvullingen. "Drogbeelden omtrent zichzelf kunnen tot krukken worden, nuttig voor hen, die niet in staat zijn alleen te lopen; maar zij vergroten de innerlijke zwakheid", schreef Fromm (1971). Ik geloof dat er iets van een evolutie optreedt van denken in typen naar denken in trekken naar denken in vormen die de verbondenheid van de persoon met de plaats- en tijdgebonden context in acht nemen (bijv. de narratieve benadering). Ook vanuit dit perspectief heeft de NEO een streepje voor boven de MBTI.
P.S.: let op de woorden "richting", "zou" , .. ik heb de positieve termen maar benadrukt zodat jullie ook een beetje gelijk krijgen..
BRON:
http://home.planet.nl/~tluken/mbti.htm
An diesem Beispiel sehen Sie, meine Damen und Herren, dass Politiker, die die Nase vorn haben, Intellektuelle ins Schlepptau nehmen können