Het onderwerp is duidelijk fysica-gerelateerd, maar de moeilijkheid ligt vooral bij de wiskunde, vandaar beide thema's in een.
Ik moet dus berekenen hoeveel het massacentrum van een gebogen staaf (lengte L, massa M) buiten het lichaam ligt wanneer deze gebogen is tot een boog, zodat er een hoek van 90° tussen beide uiteinden van de staaf is (analogie met hoogtespringers).
Je moet enkel die voor de y-as berekenen, aangezien het voor de x-as wegens symmetrie in het midden ligt. Je moet dus y dm in functie krijgen van enkel y en dy en constantes. Ik heb heel veel zitten klungelen, maar er wilt maar niets productiefs uit komen. Het volgende lijkt me wel logisch, maar dan weer wiskundig aartsmoeilijk:
Je wilt dm in verband brengen met dy. Er geldt: dm = rho.d(a) met rho de dichtheid (rho = M/L) en a de arklengte van een stukje gebogen staaf. Als die arklengte gevormd wordt door een hoek d(alpha), kun je dus zeggen: d(a) = R.d(alpha) met R de straal (en wegens het gegeven R.pi/2 = L, maar dat doet er even niet toe). Ook lijkt het mij (volgend uit mijn primitieve schetsen) dat je kan zeggen dat sin(d(alpha)) = dy/da. Als je deze laatste twee vergelijkingen bundelt en alpha laat wegvallen, krijg je dus: (da)² = R.dy
Als je die laatste vergelijking echt wilt invullen in dm = rho.d(a), krijg je dus een differentiaal onder een vierkantswortel, oftwel:
dm = rho.sqrt(R dy)
En dan zou ik echt niet weten hoe je verder kunt met je integraal...
Puzzels