Ik zit met het volgende probleem.Hoe maak ik een goede ijklijn om betaine te bepalen en welke eluent gebruik ik het beste.Ik zit met het probleem dat ik altijd 2% onder de waarde zit die ik moet hebben en ik krijg pieken die ik niet kan verklaren.Is er verschil als je een 5 puntsijklijn maakt of als je een 10 of 20 punts ijklijn maakt.Word je ijklijn precieser met meer punten.Sorry voor de vele vragen maar ik ben pas aan het werken met HPLC en heb nooit een opleiding gehad in HPLC.Hopelijk kan iemand mij wat wijzer maken.
Als je monster een sterk andere samenstelling heeft dan je ijkoplossing kun je door "matrixeffecten" een andere waarde krijgen. Een goede methode om dit te voorkomen is de "standaardadditiemethode" waar je een klein beetje ijkoplossing toevoegt aan je monster en zo een ijklijn maakt die niet bij nul begint maar die wel meer op je monster lijkt.
Die meerdere pieken zou dat kunnen dat de kolom niet meer goed werkt.Ik heb nu een nieuwe ijklijn gemaakt en de resultaten zijn beter.ik krijg juist nog voor dat mijn betaine peik eruit komt een andere piek die overloopt in mijn betainepiek.nu dacht ik dat mijn kolom misschien gaten vertoonde zodat de loopvloeistof een kortere weg neemt en er iets vroeger uitkomt.
Volg je een voorgeschreven methode met mobiele fase en kolom? Zo ja, hoe precies is deze methode beschreven ? Is het bij jou in de firma gemaakt op dezelfde HPLC of is het een methode die ergens anders vandaan komt ?
Hou zuiver is je staal ? Heb je toegang tot een overeenkomstig staal zonder betaïne ? Dan kan je meteen kijken of er matrix-effecten meespelen, zoals rwwh komt te zeggen.
Ik denk dat het niet onverstandig zou zijn om een basiscursus HPLC te volgen. Want elke keer als er iets fout loopt, zal je hulp van buitenaf moeten inroepen en er kan nogal wat verkeerd gaan in HPLC, zeker als je niet de nodige ervaring hebt en er niemand in de buurt is om bij te springen.