Ik ben een paar vraagstukken aan het oplossen waar ik zo'n hekel aan heb. De examens naderen en elke vraagstuk vraagt behoorlijk veel tijd! Ik zit dus vast bij onderstaande vraagstelling, ik heb werkwijze bijgezet zodat je kan zien waar het misloopt.
Vraag:
Bij een temperatuur en druk waarbij 1 liter waterstofgas 0,085 g weegt, weegt 1 liter van een gasvormig C-H-verbinding 1,275g .
Bij de verbranding van 1 liter van de C-H-verbinding ontstaat 3,740g CO2. Bereken molecuulformule van verbinding.
(mijn) werkwijze:
Vm = 2g/mol/(0,085g/ 1L) = 23,5 L/mol
Vm = 23,5 L/mol = M C-H /(1,275 g/ 1L) = 30g/mol
30g/mol is dus molaire massa van C-H-verbinding
Dus ..
44g CO2 bevat 12gC dus 3,740 g CO2 bevat:
12g*3,74g/(44g/mol) = 1,02 g C = 0,085 mol C
18g H2O bevat 2g H dus 3,06 H2O bevat:
2g*3,06/(18)= 0,34 g H = 0,34 mol
Komen we op een verhouding:
0,085/0,34 = ¼
(CH4)x
Maar de molecuulmassa was 30g/mol
Als je dit verder uitwerkt dan kom je op x = 1,875
Wat dus duidelijk fout is. De oplossing is C2H6, En deze heeft massagetal 30g/mol, wat dus klopte uit de eerste deel.
Aantal gram water heb ik zo berekend:
massa CO2 / MM CO2 = aantal mol (0,085)
n = m/mm => 0,085= xg/ (18g/mol) = 1,53
er zijn 2 H"s in H2O dus: 1,53 * 2 = 3,06
Ik weet dus niet waar ik een fout heb gedaan, ik hoop dat je me kan helpen.
Mvg Carbon
ps: sorry voor de slecht uitziend topic
Puzzels