anusthesist schreef: ↑do 16 jan 2014, 20:35
Wat paradoxaal. Hoe kijkt hij aan tegen de biodiversiteit op antarctica? En dan met name de landdieren en flora? Een gunstige omgeving?
Een veelgebruikt conceptueel model in de ecologie is het zogenaamde 'humped-back' model van Grime. Dit beschrijft de relatie tussen productiviteit van een site en de biodiversiteit daar aanwezig en heeft de vorm (ruwweg) van een Gauss-curve. Het hele idee is dus dat biodiversiteit piekt bij een middelmatige productiviteit (nogal grofweg bepaald a.h.v. nutriënten, water, licht, temperatuur en enkele andere factoren). De meest productieve systemen zullen niet divers zijn (e.g. plantages van maïs, populier, eucalyptus, miscanthus), de minst productieve evenmin.
Dit heeft veel ecologische implicaties en is een belangrijk achtergrondelement van het moderne natuurbeheer, waar verschraling (nutriëntenafvoer) vaak wordt toegepast om diversiteit te behouden en lokaal zelfs weer op te krikken. Maar er bestaat ook weer kritiek op dit model. Het gaat dan ook nog alleen maar om planten. Gooi er wat herbivoren, predatoren, detritivoren en pathogenen bij en het geheel wordt nog veel ingewikkelder.
Waar ligt het optimum qua biodiversiteit in de optimumkromme t.a.v. biodiversiteit afgezet tegen temperatuur en de aanwezigheid van water?
Wie zal het zeggen?
Je kan een goed gecontroleerd experiment uitvoeren, maar kun je deze resultaten extrapoleren naar natuurlijke condities die zoveel malen complexer zijn? En welke natuurlijke condities dan, van de talloze mogelijke systemen die dynamisch van aard zijn en misschien wel duizendjarige cycli kennen? Welke soorten, welke genetische achtergrond?
Of je kan een uitvoerige observatie uitvoeren, maar kun je dan echt zeggen dat je met alles rekening hebt gehouden en dat je batterij aan metingen het hele systeem niet danig hebben verstoord? Of nog veel belangrijker: meestal kan je dit laatste zelfs eenvoudigweg niet omdat het te duur is of omdat de oudere data onvolledig/van dubieuze kwaliteit/onbestaande is.