Een onfortuinlijke passagier op een reuzenrad laat zijn sleutels vallen wanneer hij zich in de `10 uur’ positie bevindt. Het rad heeft een straal van 5.00 m en voert een volledige omwenteling uit in 32.0 s. De onderkant van het rad bevindt zich 1.75 m boven de grond. Waar landen de sleutels van die passagier relatief ten opzichte van de basis van het rad?
Hoe bereken je dit?
Puzzels