Ik loop vast bij de volgende oefening.
Gegeven de kromme in parametervorm: x = cos3(t) en y = 3*sin3(t)
a)Bepaal de periode van de kromme: Is volgens mij [0;2ϖ]
b)Stel t = ϖ/3 met welke cartesische coördinaat komt dat overeen?: Ik kom hiervoor (0.125; 1.95) uit. 1.95 is een afgerond getal.
c)Berekenen in het xy-vlak de snijpunten van de rechte y=x+2 met de kromme. Hier loop ik vast.
Ik kan het op twee manieren aanpakken:
1° Ik schrijf de parameter vorm van de kromme om naar cartesische vorm en stel dan y1 = y2 en solve voor x. .
Cartesisch vorm: ³√(x²) + ³√(y²/9) = 1 (Impliciete vergelijking)
Deelfunctie 1: y = 3*√(1-(³√x²))³
Deelfunctie 2: y = -3*√(1-(³√x²))³
Maar ik weet zeker dat de rechte niet zal snijden met deelfunctie 2 dus beschouw ik ze verder niet.
x + 2 = 3*√(1-(³√x²))³
Wanneer ik dus probeer te solven voor x wordt het steeds complexer. Ik ben dus ook halverwege gestopt
2° Ter hoogte van de snijpunten geldt de parametervorm van kromme omdat de kromme en de rechte elkaar daar kruisen. Ik zou dan y = x + 2 omschrijven naar 3*sin3(t) = cos3(t) + 2 en vervolgens solven naar t. Maar dit vind ik niet zo simpel. Is er misschien een speciale trig identiteit (die ik niet ken) waarmee t gemakkelijk te vinden is?
Groetjes
Valerion
Puzzels