Moderator: Marko
De zuurgraad van een oplossing van een zuur wordt bepaald door de concentratie van het zuur en door de zuursterkte, dwz. de mate waarin de dissocieerbare protonen ook werkelijk zijn afgesplitst. Als maat voor de zuursterkte gebruikt men meestal de pKz (pKz = -log Kz), waarbij Kz de evenwichtsconstante K is van het dissociatie-evenwicht HZ + H2O *t4 H3O+ + Z- (Z- is de zuurrest). Hoe lager de pKz, hoe sterker het zuur. Op analoge wijze wordt voor basen de pKb (of pKa in engelstalige handboeken) gedefinieerd (de K van het evenwicht B + H2O *t4 BH+ + OH-. Hoe lager de pKb hoe sterker de base. Er geldt pKz + pKb = -log Kwater = 14 (bij 24 °C). Dat houdt bijv. in dat de zuurrest van een sterk zuur een zwakke base is.wat wordt verstaan onder pkz-waarde