Dat moment zou er in het begin van de mensheid moeten zijn geweest.
Als er in het begin van de mensheid (je zou je eigenlijk eerst af moeten vragen wanneer de 'mens' tot de 'mens' gerekend kon worden) 200 mensen op aarde rondliepen, die 400 andere mensen voortplanten, en die eerste 200 gelukkige ouders sterven, leven er meer mensen dan er 'ooit' gestorven zijn.
Maar wanneer deze 400 mensen van de tweede generatie 500 andere mensen, de derde generatie, voortplant, zijn er al 600 mensen gestorven in de afgelopen generaties.
Wanneer de tweede generatie (die 400 mensen) 800 nieuwe mensen hadden voortgeplant, en de tweede generatie stierf, zouden er 800 mensen leven, en 600 mensen dood zijn.
Als deze derde generatie van 800 mensen weer een verdubbeling voortplant, 1600 mensen, zijn er in totaal 1400 mensen dood, en 1600 mensen in leven.
Conclusie: Alleen als er telkens op nieuw een verdubbeling van de generatie plaats vind is dit het geval, anders niet.
Wanneer je zou weten hoeveel mensen er in het begin van de 'mensheid' op aarde rondliepen, dit keer 2 tot de macht van het aantal generatie's van het begin der mensen tot aan het heden doet, zou je uit moeten komen op het getal 6,4 miljard. Is dit niet het geval? Als de uitkomst van de berekening meer is dan 6.4 miljard, weet je dat de generatie's elkaar niet verdubbelen in aantal, en dus zijn er dan niet meer mensen in leven dan er dood zijn gegaan.
Berekening:
Aantal mensen op aarde in het begin der mensheid = Ab
aantal generaties = Ag
Hoeveelheid mensen op aarde bij een verdubbeling het aantal mensen per generatie: Ab x 2^Ag
Als deze formule klopt zouden we al lang over de 6,4 miljard heen zijn, dus zou je kunnen stellen dat er niet meer mensen in leven zijn dan dat er ooit dood zouden zijn gegaan.
(

pff jongens jongens wat een moeilijk gedoe

)