Ik wil ook graag reageren, en wel op bovenstaande verklaring van Bouterse. Ze is naar mijn mening een van de meest belangrijke oorzaken voor het groeiende atheisme onder intellectuelen. Deze intellectuelen kennen veelal een of meerdere collecties heilige geschriften wegens de invloed van de theistisch cultuur waarin ze zijn opgegroeid, en hebben door deze te overpeinzen de belangrijkste winst voor hun eigen filosofische en ethische ontwikkeling (en daarmee hun positieve maatschappelijke betekenis) al geboekt, ondanks het feit dat ze niet zijn gekomen tot de uitvoering van godsdienst.Jeroen Bouterse schreef:Dat risico neem ik dan maar. Liever volgens mijn eigen morele principes leven en daarvoor door jouw God van liefde gestraft worden door eeuwig te branden, dan een soort gedwongen odium humanis generis betrachten enkel en alleen omdat God dat wil. Als God de mens geschapen heeft met de bedoeling dat die stelselmatig zijn eigen verantwoordelijkheid ontliep en ontkende, ben ik inderdaad een mislukt schepsel en dien als zodanig behandeld te worden.
Dus in zoverre we zijn het eens!
Dat ze niet zijn gekomen tot godsdienst heeft als primaire oorzaak m.i. dat hun intellectuele vermogens daarin nooit voldoende werden geprikkeld door hun ouders of door de wekelijks boodschap vanaf de kansel. In feite werd er vanuit de religieuse instituten onvoldoende gedaan om deze moderne groep de gelegenheid te geven om zich op geschikte wijze godsdienstig uit te drukken. Concreet, het kenmerk van het intellectuele leven, namelijk de moedige aandrang om vraagtekens te plaatsen bij geerfde vooringenomenheden, vindt in het kader van de zondagsdienst weinig aanknopingspunten.
Dit kan de Kerk vergeven worden als zijnde het gevolg van de explosieve stijging van het gemiddelde intellectuele niveau van onze generatie ten opzichte van de voorgaanden en het beperkte potentieel voor structurele verandering waar ELK instituut van enige omvang voortdurend mee kampt. Daarbij kan in acht genomen worden dat onze wereld een wereld in transitie is op een schaal die de mensheid vermoedelijk nooit gekend heeft.
De Kerk is zich van bovenstaande bewust en doet er tegenwoordig veel aan om het onstane gat in het aanbod van verschillende godsdienstige activiteiten te vullen. De kleine gespreksgroepen georganiseerd door mijn lokale dominee over zowel grote aktuele maatschappelijke thema's als exotische - vanaf de kansel onuitgesproken - aspecten van de godsdienst zijn voor mij de hoogtepunten van mijn intellectuele en godsdienstige leven. Als opmerkelijk nevenverschijnsel is mijn beleving van de wat minder gezouten zondagsdienst erdoor verfrist en verdiept.
Om terug te komen op Bouterse's verklaring: ze getuigt voor mij van een ondermaat aan vertrouwdheid met universele religieuse principes, vermoedelijk het gevolg van de hierboven geschetste lacune in het onderricht dat hij (en met hem vele anderen) onverhoopt heeft genoten inzake de godsdienstbeoefening.
Om die lacune hier op te vullen zou te ver voeren, hoewel ik het op andere plekken in dit forum wel steeds poog. Ik kan iedereen de bhagavad-gita aanraden, met name de laatste 6 hoofdstukken over 'jnana joga' - de yoga van het intellect.
In het kort komt het er op neer dat god transcencentaal is, oftewel niet onder invloed van de materiele natuur staat. Integendeel, de materiele natuur staat onder invloed van god. 'Goed en slecht' zijn eigenschappen van de materiele natuur, waarbij echter 'goed' een oorzaak is van geluk en wijsheid, en 'slecht' een oorzaak is van pijn en onwetendheid.
God is transcendentaal en kan niet worden beschreven door middel van de materiele eigenschappen 'goed' of 'slecht'. Echter wanneer god gevraagd wordt waarom god desondanks altijd 'goed' doet antwoorde god ruim 5000 jaar geleden al:
Vragen die door met name Westerse intellectuelen gesteld worden over "goed, kwaad en god" zijn m.i. slechts het gevolg van een gebrekkig besef van universele religieuse principes, geboren uit een lacune in het onderricht dat zij hebben genoten in de Kerk en van hun traditioneel godsdienstige ouders. Dat bepaalde intellectuelen de frustratie die hieruit geboren is kanaliseren in een rabiate aanval op alles dat religieus is, valt ernstig te betreuren.Bhagavad Gita schreef:BG 3.21: Whatever action a great man performs, common men follow. And whatever standards he sets by exemplary acts, all the world pursues.
BG 3.22: O son of Pritha, there is no work prescribed for Me within all the three planetary systems. Nor am I in want of anything, nor have I a need to obtain anything -- and yet I am engaged in prescribed duties.
BG 3.23: For if I ever failed to engage in carefully performing prescribed duties, O Partha, certainly all men would follow My path.
BG 3.24: If I did not perform prescribed duties, all these worlds would be put to ruination. I would be the cause of creating unwanted population, and I would thereby destroy the peace of all living beings.
BG 3.25: As the ignorant perform their duties with attachment to results, the learned may similarly act, but without attachment, for the sake of leading people on the right path.
De waarde en de betekenis van het menselijke leven valt namelijk uitsluitend in min of meer religieuse termen uit te drukken. Zonder die religieuse termen zijn mensen slechts bewegende brokken materie, ten slotte geneigd om elkaar op gruwelijke wijze te misdelen, te vernederen en te vernietigen in de strijd om het bestaan. Het voorbeeld dat door de moderne atheistische intellectueel gesteld wordt, namelijk het niet uitvoeren van voorgeschreven (religieuse) plichten ten gunste van het handelen naar het 'eigen inzicht', zal door de gewone mensen worden opgevat als vrijbrief om lage lusten en driften als maatgevend te beschouwen. De destructie die dit tot gevolg zal hebben zal de onvoorstelbare schaal van het huidige menselijk lijden in de wereld nog doen verbleken.
Ten slotte aan Jeroen: jij en anderen hebben aangegeven dat je op fundamentele gronden minachting hebt voor het zogenaamde (eind)oordeel van god over je doen en laten, maar wat zou je antwoord zijn op de volgende fictieve vraag van god:
"Je hebt een voorbeeldfunctie gehad als intellectueel in je gemeenschap. Door jouw blasfemie hebben de gewone mensen om je heen Mij hun rug toegekeerd, en zijn ze tot allerlei kwaad gekomen in hun hopeloze pogingen om materieel geluk of onpersoonlijke verlichting te bereiking. Veel van hen zijn daardoor erg ongelukkig geworden en weten zich geen raad meer. Hoewel een aantal mensen - juist door zich af te zetten tegen jouw blasfemie - tot godsrealisatie zijn gekomen, moet ik jou nu promoveren of demoveren?"
Puzzels