door jkien » zo 08 nov 2020, 00:18
Vandaag in het NRC schrijft Karel Knip in zijn rubriek 'Alledaagse wetenschap' over diffractie door zijden doekjes en paraplu's. (
1) In Natuurkunde van het vrije veld, "dat intussen even onaantastbaar is als de Bijbel", vermeldt Minnaert het. Met een knipoog naar de lezer citeert Knip wat deze bijbel voorschrijft dat de waarnemer moet waarnemen:
Kijk door een droge paraplu naar een heldere lantaren, voldoende ver en daardoor puntvormig. U ziet een mooi buiging- en interferentiepatroon. Als de draden vertikaal en horizontaal gericht zijn, staan de buigingsbeelden in horizontale en verticale rijen gerangschikt. ... U ziet vermoedelijk door uw paraplu lantarens op alle afstanden. De kleine, ver verwijderde, vertonen een scherp buigingspatroon
Hoe zou het toch komen dat ik dat nooit waarneem bij paraplu's? De paraplu's van nu zijn vast op een of andere manier anders dan die van vroeger. Als ik door een paraplu in de richting van een puntvormige lichtbron kijk is dat een vage vlek van ongeveer 2°. Ik vermoed dat het verschil met vroeger is dat moderne paraplu's geimpregneerd zijn met een melkachtig middel dat de spleten tussen de draden opvult, wat het licht diffuus verstrooit, en wat interferentie verhindert. Ik heb wel eens harmisol gebruikt, dat was melkachtig. Je kunt met je mond op de paraplu er nauwelijks lucht doorheen blazen, dat wijst er ook op dat de spleten opgevuld zijn. In de tijd van Minnaert was dat blijkbaar nog niet het geval. Verre lantarens gezien door zijn paraplu zagen eruit als een puntbron, en zijn paraplu moest droog zijn.

Links: voorwerpen zoals schroefjes zijn vrij goed zichtbaar als je er naar kijkt door het zijden doekje, al zijn de randen verdubbeld door de diffractie. Maar door een paraplu kun je geen enkel schroefje zien, de lichtverstrooiing is te sterk (niet weergegeven in deze afbeelding).
Vandaag in het NRC schrijft Karel Knip in zijn rubriek 'Alledaagse wetenschap' over diffractie door zijden doekjes en paraplu's. ([url=https://www.nrc.nl/nieuws/2020/11/06/de-zakdoek-die-van-immense-betekenis-was-voor-de-fysica-a4019018]1[/url]) In Natuurkunde van het vrije veld, "dat intussen even onaantastbaar is als de Bijbel", vermeldt Minnaert het. Met een knipoog naar de lezer citeert Knip wat deze bijbel voorschrijft dat de waarnemer moet waarnemen:
[quote] Kijk door een droge paraplu naar een heldere lantaren, voldoende ver en daardoor puntvormig. U ziet een mooi buiging- en interferentiepatroon. Als de draden vertikaal en horizontaal gericht zijn, staan de buigingsbeelden in horizontale en verticale rijen gerangschikt. ... U ziet vermoedelijk door uw paraplu lantarens op alle afstanden. De kleine, ver verwijderde, vertonen een scherp buigingspatroon[/quote]
Hoe zou het toch komen dat ik dat nooit waarneem bij paraplu's? De paraplu's van nu zijn vast op een of andere manier anders dan die van vroeger. Als ik door een paraplu in de richting van een puntvormige lichtbron kijk is dat een vage vlek van ongeveer 2°. Ik vermoed dat het verschil met vroeger is dat moderne paraplu's geimpregneerd zijn met een melkachtig middel dat de spleten tussen de draden opvult, wat het licht diffuus verstrooit, en wat interferentie verhindert. Ik heb wel eens harmisol gebruikt, dat was melkachtig. Je kunt met je mond op de paraplu er nauwelijks lucht doorheen blazen, dat wijst er ook op dat de spleten opgevuld zijn. In de tijd van Minnaert was dat blijkbaar nog niet het geval. Verre lantarens gezien door zijn paraplu zagen eruit als een puntbron, en zijn paraplu moest droog zijn.
[attachment=0]combi.jpg[/attachment]
[i]Links: voorwerpen zoals schroefjes zijn vrij goed zichtbaar als je er naar kijkt door het zijden doekje, al zijn de randen verdubbeld door de diffractie. Maar door een paraplu kun je geen enkel schroefje zien, de lichtverstrooiing is te sterk (niet weergegeven in deze afbeelding). [/i]