door Marko » do 06 jan 2022, 10:31
Je moet hierbij even terug naar wat water polair maakt en waarom polaire groepen de oplosbaarheid verhogen.
Water is polair omdat zuurstof elektronegatief is en waterstof niet; daardoor zijn er polaire bindingen, is er een partieel negatieve lading op het O-atoom en partieel positieve ladingen op de H-atomen. De binding tussen de watermoleculen is (met name) zo sterk omdat positieve en negatieve ladingen elkaar aantrekken.
Om stoffen op te lossen moet je bindingen maken tussen die stof en watermoleculen. Dat werkt het beste als je dus ook positieve en/of negatieve ladingen hebt: de positieve ladingen worden aangetrokken door de O-atomen en de negatieve door de H-atomen van water. Dat geldt zowel voor gehele positieve en negatieve ladingen (dus categorie a en b in de tekst) als voor partiële positieve en negatieve ladingen (categorie c).
Het is heel moeilijk aan te geven welke nu precies meer effect zal hebben. Een gehele lading zal wat sterker aan de watermoleculen bindingen dan een gedeeltelijke lading. Maar het hangt heel erg af van wat de rest van het molecuul is. Als je het over 2 verschillende moleculen hebt, met verschillende groepen eraan, dan wordt het al heel lastig om een goede vergelijking te maken.
Een algemeen recept is ook moeilijk te geven. Ik denk dat het het beste is als je een paar concrete voorbeelden van opgaven geeft om doorheen te lopen.
Je moet hierbij even terug naar wat water polair maakt en waarom polaire groepen de oplosbaarheid verhogen.
Water is polair omdat zuurstof elektronegatief is en waterstof niet; daardoor zijn er polaire bindingen, is er een partieel negatieve lading op het O-atoom en partieel positieve ladingen op de H-atomen. De binding tussen de watermoleculen is (met name) zo sterk omdat positieve en negatieve ladingen elkaar aantrekken.
Om stoffen op te lossen moet je bindingen maken tussen die stof en watermoleculen. Dat werkt het beste als je dus ook positieve en/of negatieve ladingen hebt: de positieve ladingen worden aangetrokken door de O-atomen en de negatieve door de H-atomen van water. Dat geldt zowel voor gehele positieve en negatieve ladingen (dus categorie a en b in de tekst) als voor partiële positieve en negatieve ladingen (categorie c).
Het is heel moeilijk aan te geven welke nu precies meer effect zal hebben. Een gehele lading zal wat sterker aan de watermoleculen bindingen dan een gedeeltelijke lading. Maar het hangt heel erg af van wat de rest van het molecuul is. Als je het over 2 verschillende moleculen hebt, met verschillende groepen eraan, dan wordt het al heel lastig om een goede vergelijking te maken.
Een algemeen recept is ook moeilijk te geven. Ik denk dat het het beste is als je een paar concrete voorbeelden van opgaven geeft om doorheen te lopen.