door vered » zo 20 sep 2020, 12:54
Hallo SafeX,
Ja, punt Q bereken ik door f(x)=0 te maken
dus 0=4-2^(0.3x-2) geeft Q(13.3 , 0)
Wat punt S betreft: moet ik dus verstaan dat je algebraisch niks kan doen om een x-coördinaat te te berekenen.
Om een oplossing te krijgen moet je f(x) en g(x) in een grafiek zetten en dan de x en y waarden van de snijpunten
"gewoon aflezen" ? Wat wil de leerkracht mij dan leren? hoe ik waarden moet aflezen op de x en y as?
Met andere woorden, een lang verhaal in 't kort: exact berekenen = algebraisch uitrekenen en benader= aflezen op de grafiek !?!?
Dit is de volledige vraag :
De functie f is gegeven door f(x) = 4 - 20,3x - 2
Op de grafiek van f ligt een punt R. De y-coördinaat van R is 2.
a. Bereken exact de x-coördinaat van R.
De grafiek van f snijdt de x-as in het punt Q.
Verder zijn gegeven het punt P(0, 5) en de lijn l door P en Q.
Lijn l en de grafiek van f snijden elkaar behalve in Q ook in het punt S.
Zie de figuur. (hier slaag ik niet in om die hier te plakken)
b. Benader de coördinaten van S. Rond deze coördinaten af op twee decimalen.
De grafiek van f wordt 20 naar links en 10 omhoog geschoven.
Hierdoor ontstaat de grafiek van een functie g.
De functie g kan geschreven worden in de vorm g(x) = a + b • 20,3x .
c. Bereken de waarden van a en b.
Dit is de uitwerking voor de oplossing:
2. a. 2 = 4 - 20,3x - 2
-2 = -20,3x - 2
2 = 20,3x - 2
21 = 20,3x - 2
1 = 0,3x - 2
0,3x = 3
x = 10
b. 4 - 20,3x - 2 = 0
20,3x - 2 = 4
20,3x - 2 = 22
0,3x - 2 = 2
0,3x = 4
x = 131/3. Dus Q = (131/3, 0)
P = (0,5) dus PQ heeft helling (5 - 0)/(0-13,333) = -3/8
l is de lijn y = -3/8x + 5
Y1 = (3/8)*X + 5 en Y2 = 4 - 2^(0.3*x - 2) en dan intersect geeft x = 4,30 en y = 3,39
S = (4.30 , 3.39)
c. 20 naar links: x vervangen door x + 20
10 omhoog: hele formule + 10
Dat geeft g(x) = 4 - 20,3(x + 20) - 2 + 10
g(x) = 14 - 20,3x + 6 - 2
g(x) = 14 - 20,3x + 4
g(x) = 14 - 20,3x • 24
g(x) = 14 - 16 • 20,l3x
Dus a = 14 en b = -16
Oprechte dank voor uw kennis, tijd en geduld.
groeten, eddyv
Hallo SafeX,
Ja, punt Q bereken ik door f(x)=0 te maken
dus 0=4-2^(0.3x-2) geeft Q(13.3 , 0)
Wat punt S betreft: moet ik dus verstaan dat je algebraisch niks kan doen om een x-coördinaat te te berekenen.
Om een oplossing te krijgen moet je f(x) en g(x) in een grafiek zetten en dan de x en y waarden van de snijpunten
"gewoon aflezen" ? Wat wil de leerkracht mij dan leren? hoe ik waarden moet aflezen op de x en y as?
Met andere woorden, een lang verhaal in 't kort: exact berekenen = algebraisch uitrekenen en benader= aflezen op de grafiek !?!?
[i][b]Dit is de volledige vraag :[/b]
De functie f is gegeven door f(x) = 4 - 20,3x - 2
Op de grafiek van f ligt een punt R. De y-coördinaat van R is 2.
a. Bereken exact de x-coördinaat van R.
De grafiek van f snijdt de x-as in het punt Q.
Verder zijn gegeven het punt P(0, 5) en de lijn l door P en Q.
Lijn l en de grafiek van f snijden elkaar behalve in Q ook in het punt S.
Zie de figuur. (hier slaag ik niet in om die hier te plakken)
b. Benader de coördinaten van S. Rond deze coördinaten af op twee decimalen.
De grafiek van f wordt 20 naar links en 10 omhoog geschoven.
Hierdoor ontstaat de grafiek van een functie g.
De functie g kan geschreven worden in de vorm g(x) = a + b • 20,3x .
c. Bereken de waarden van a en b.[/i]
[i]Dit is de uitwerking voor de oplossing:
2. a. 2 = 4 - 20,3x - 2
-2 = -20,3x - 2
2 = 20,3x - 2
21 = 20,3x - 2
1 = 0,3x - 2
0,3x = 3
x = 10
b. 4 - 20,3x - 2 = 0
20,3x - 2 = 4
20,3x - 2 = 22
0,3x - 2 = 2
0,3x = 4
x = 131/3. Dus Q = (131/3, 0)
P = (0,5) dus PQ heeft helling (5 - 0)/(0-13,333) = -3/8
l is de lijn y = -3/8x + 5
Y1 = (3/8)*X + 5 en Y2 = 4 - 2^(0.3*x - 2) en dan intersect geeft x = 4,30 en y = 3,39
S = (4.30 , 3.39)
c. 20 naar links: x vervangen door x + 20
10 omhoog: hele formule + 10
Dat geeft g(x) = 4 - 20,3(x + 20) - 2 + 10
g(x) = 14 - 20,3x + 6 - 2
g(x) = 14 - 20,3x + 4
g(x) = 14 - 20,3x • 24
g(x) = 14 - 16 • 20,l3x
Dus a = 14 en b = -16
[/i]
Oprechte dank voor uw kennis, tijd en geduld.
groeten, eddyv