door len16 » vr 09 mei 2025, 20:40
Ik zou het willen delen, zodat ik de mol na2CO3 te weten kom om daarna de x te berekenen.
Deze berekening is van methyloranje, maar moet het bij fenolftaleïen anders qua reactievergelijking en molverhouding?
Het gemiddelde gebruik is: 23,46 + 23,18 + 22,69 = 69,33 en dat moet je delen door 3 en daar komt 23,11 mL uit.
Na2CO3 + 2HCl -> 2NaCl + H2CO3
23,11 mL wordt 0,02311 L HCl. We gebruiken even de formule: molariteit: mol/L. Daar komt uit 0,2311 mol HCL
0,2311 mol HCL, verhouding Na2CO3 : 2HCl. 0,002311 / 2 =0,0011555 dit is het aantal mol Na2CO3 in de erlenmeyer in 10 ml.
Nu berekenen hoeveel er in de maatkolf zit.
Die 0,0011555 x 25 = 0,0288875 mol Na2CO3. Dit doe je keer 105,99 g/mol = 3,061786125 gram Na2CO3.
7 gram soda afgewogen in het maken van de inhoud van de maatkolf, dus je moet de hoeveelheid soda – het aantal gram Na2CO3 doen: 7-3,06... = 3,938213875 xH2O.
De atoommassa van H2O is 18,016u dus je moet het aantal gram xH2O gedeeld door de molaire massa van H2O doen: 3,93... / 18,016 =0,2185953527 mol H2O. Om de x te berekenen moet je het aantal mol H2O / het aantal mol Na2CO3 doen. De x is dan: 0,2185... / 0,02888... = 7,56H2O. Omdat het getal met de minste cijfers 10 mL is die gepipetteerd is is dat ook het laagste aantal significante cijfers. Het eindantwoord wordt dus in twee significante cijfers x = 7,6.
Ik zou het willen delen, zodat ik de mol na2CO3 te weten kom om daarna de x te berekenen.
Deze berekening is van methyloranje, maar moet het bij fenolftaleïen anders qua reactievergelijking en molverhouding?
Het gemiddelde gebruik is: 23,46 + 23,18 + 22,69 = 69,33 en dat moet je delen door 3 en daar komt 23,11 mL uit.
Na2CO3 + 2HCl -> 2NaCl + H2CO3
23,11 mL wordt 0,02311 L HCl. We gebruiken even de formule: molariteit: mol/L. Daar komt uit 0,2311 mol HCL
0,2311 mol HCL, verhouding Na2CO3 : 2HCl. 0,002311 / 2 =0,0011555 dit is het aantal mol Na2CO3 in de erlenmeyer in 10 ml.
Nu berekenen hoeveel er in de maatkolf zit.
Die 0,0011555 x 25 = 0,0288875 mol Na2CO3. Dit doe je keer 105,99 g/mol = 3,061786125 gram Na2CO3.
7 gram soda afgewogen in het maken van de inhoud van de maatkolf, dus je moet de hoeveelheid soda – het aantal gram Na2CO3 doen: 7-3,06... = 3,938213875 xH2O.
De atoommassa van H2O is 18,016u dus je moet het aantal gram xH2O gedeeld door de molaire massa van H2O doen: 3,93... / 18,016 =0,2185953527 mol H2O. Om de x te berekenen moet je het aantal mol H2O / het aantal mol Na2CO3 doen. De x is dan: 0,2185... / 0,02888... = 7,56H2O. Omdat het getal met de minste cijfers 10 mL is die gepipetteerd is is dat ook het laagste aantal significante cijfers. Het eindantwoord wordt dus in twee significante cijfers x = 7,6.