HansH schreef: ↑za 19 jul 2025, 09:35
Blijkbaar gaat het hier dus ergens mis op taalkundig niveau en niet op natuurkundig niveau.
Nou, voor natuurkunde heb je natuurlijk ook een bepaald taalkundig niveau nodig
Alleen je hebt gelijk dat vooral via internet totaal non-verbaal er al gauw langs mekaar heen gepraat wordt, en vooral als bijvoorbeeld iemand allerlei terminologie of concepten en dergelijke door mekaar haalt of daarin slordig en onduidelijk is. (En al helemaal wanneer iemand zijn/haar eigen terminologie en concepten tot hele TOE's bedenkt, dat is soms complete wartaal.)
Maar ik denk dat je ten eerste onbewust jezelf tegensprak daarboven en dat iets, bijvoorbeeld de zin 'Basically you start at the retarded position and extrapolate where the source will wind up by moving at the retarded velocity until the current time' het eea je plotseling wél duidelijk geworden is ook al staat er niets nieuws, maar juist principieel en in essentie exact hetzelfde als hier meermaalsen zeker via PB. Dus ja, ik snap dat niet, maar goed. Geen probleem verder en vooral mooi voor jou!
Wat er verder bedoeld wordt met de heuristische benadering m.b.t. elektromagnetische (EM), in het zwakke-veld limiet overigens, waar de vergelijking met EM vaak gemaakt wordt.
Ik twijfel wel wat, want zoals op PF ook gezegd is dat geen "B(asic)-level" meer.
Maar ok.
De vergelijking met EM wordt gebruikt als heuristisch hulpmiddel om te redeneren over zwaartekracht op een klassieke manier, maar die vergelijking breekt volledig als je buiten het zwakke-veld limiet komt, of probeert dingen te begrijpen zoals kromming, geodeten of zwarte gaten.
In EM verlopen bepaalde veldtermen, met name het magnetische veld
\(\vec{B}\) en snelheidsafhankelijke componenten van het elektrische veld
\(\vec{E}\), lineair met de snelheid
\(v\) van de bron. Daardoor wijkt de richting van het resulterende veld af van de richting naar de 'retarded position' van de bron. In GR (in de zwakkeveldbenadering) treden zulke termen pas op in orde
\(v^2\) en hoger, waardoor die afwijking veel kleiner is, het veld "wijst" daardoor veel nauwkeuriger naar waar het andere object was volgens de vertraagde informatie. Dit is geen tekortkoming van de theorie, maar een verschil in structuur tussen elektromagnetisme en gravitatie.
Maar even stap voor stap misschien:
Het gaat hier niet over de richting van licht, maar over hoe snel veranderingen in zwaartekracht of elektrische kracht zich ‘doorzetten’ door de ruimte. Dus hoe "weet" een object waar een ander object zich bevindt, als die laatste beweegt?
Als je probeert te ‘raden’ waar de kracht naartoe wijst op basis van die oude positie, dan zit je er een klein beetje naast, en dat verschil is bij EM dus ongeveer evenredig met de snelheid van de bron (orde
\(v/c\)). Dáármee wordt bedoeld dat bij EM de extrapolatie minder nauwkeurig is.
Bij zwaartekracht in algemene relativiteit zit het anders: hoewel ook daar informatie niet sneller dan het licht gaat, blijkt dat het zwaartekrachtsveld op een ingewikkelde manier zó aangepast wordt, dat het veel beter klopt met waar het object nu is, de afwijking is veel kleiner (orde
\(v^2/c^2\)). Dus de ‘inschatting’ op basis van vertraagde informatie is nauwkeuriger.
De theorie klopt dus gewoon, maar je moet goed beseffen wat er bedoeld wordt met ‘minder nauwkeurig’: het gaat om hoe goed het veld op basis van vertraagde informatie toch bijna precies richting de huidige positie van de bron wijst, een gevolg van de structuur van GR, niet van instantane communicatie.
PS (ter aanvulling).
Gravito-electromagnetisme (GEM) is een benadering binnen de Algemene Relativiteitstheorie (ART), waarbij het zwaartekrachtsveld wordt beschreven met vergelijkbare formules als die van elektromagnetisme, maar dan in het zwakke-veld limiet en voor lage snelheden. Het is een intuïtief hulpmiddel om sommige gravitatie-effecten te begrijpen, zoals frame-dragging of gravitomagnetische velden, maar het is geen volledige theorie.
Het artikel van Carlip, dat Flappelap hier eerder ook al deelde, laat zien dat je die GEM-benadering niet per se nodig hebt om het gebrek aan aberratie in zwaartekracht te verklaren. Hij gebruikt een preciezere analyse binnen lineaire algemene relativiteitstheorie en toont aan dat de zwaartekrachtveldrichting bijna perfect naar de huidige (wekelijke) positie van het bewegende object wijst, ondanks dat informatie met een vertraging wordt doorgegeven. (Wiskundig afgeleid uiteraard, niet meetbaar.)
Wat ik hierboven uitleg sluit hier op aan: het is een samenvatting van die diepere analyse, maar dan in (hopelijk) begrijpelijke taal zonder de volledige wiskunde.
Als je dit niet begrijpt, denk je mogelijk in termen van krachten of krachtvelden die instantaan reageren op posities, in plaats van aan velden die zich lokaal voortplanten met eindige snelheid, zoals in GR en EM. Het betreft dan ook wiskundige afleidingen en geen metingen. Zie verder eventueel het artikel van Carlip. En nogmaals, dit valt dus niet onder 'B-level'.