En kan iemand uitleggen wat de soortelijke massa van de maan hiermee te maken heeft?
1)In zowel de Aarde als in de veronderstelde Theia zijn de zwaardere materialen voor een groot deel naar de kern gezakt. Dat is een alleszins logische aanname, door natuurwetten (zwaartekrachtwet) ondersteund. Daardoor heeft de kern van de Aarde ook nu nog een soortelijke massa (beter woord, dichtheid) die een keer of drie-vier zo groot is als die van het mantelmateriaal.
2) Twee bollen, elk met een kern met grote dichtheid, elk omhuld door een mantel met geringere dichtheid, botsen op elkaar. Weer natuurwetten (traagheid) voorspellen terecht dat die kern bij een botsing door zal schieten, en verder voorspelt weer die wet van de zwaartekracht dat die kernen door hun grotere dichtheid elkaar sterker zullen aantrekken dan het respectievelijke mantelmateriaal.
3) Waar die kernen dus blijkbaar naar elkaar toe willen, zal ander materiaal opzij moeten worden gedrukt. Het is dat mantelmateriaal (met die geringere dichtheid)dat in de weg zit. Dat lichtere materiaal krijgt door de botsing dus een snelheid min of meer haaks op de botsingsrichting (het wordt tussen de zware kernen opzij weggedrukt) en wordt met enorme snelheid de ruimte in geslingerd.
4) Al dat puin, vloeibaar of vast, is onderhevig aan de zwaartekracht van de aarde. Afhankelijk van de richting waarin het werd weggeslingerd, en de snelheid waarmee,
- komt het onvermijdelijk terug op aarde terecht
- komt het in een of andere baan om de aarde terecht.
- vliegt het de ruimte in en zien we het nooit meer terug.
5) dat deel van het puin dat na de klap rond de aarde zweeft oefent ook op elkaar aantrekkingskracht uit en klontert daardoor samen, wat uiteindelijk leidt tot een grote, ronde satelliet rond de aarde die wij maan noemen.
Als de maan dus door zo'n botsing ontstaan zou zijn, dan
moet ze volgens de natuurwetten bestaan uit het lichtere mantelmateriaal van Aarde en Theia. De maan moet dus een geringere dichtheid (soortelijke massa) hebben als de Aarde. En dat heeft ze. De botsingstheorie wordt dus niet ontkracht door de waarneming dat de maan een geringere dichtheid heeft dan de aarde.
De geringe dichtheid van de maan is dus een bouwsteen in die botsingstheorie. Die geringe dichtheid kan ook andere oorzaken hebben, die mogelijk weer in een andere theorie passen.
Maar voldoende van die bouwstenen en je krijgt een muurtje dat niet meer omvalt.....

[quote]En kan iemand uitleggen wat de soortelijke massa van de maan hiermee te maken heeft?[/quote]
1)In zowel de Aarde als in de veronderstelde Theia zijn de zwaardere materialen voor een groot deel naar de kern gezakt. Dat is een alleszins logische aanname, door natuurwetten (zwaartekrachtwet) ondersteund. Daardoor heeft de kern van de Aarde ook nu nog een soortelijke massa (beter woord, dichtheid) die een keer of drie-vier zo groot is als die van het mantelmateriaal.
2) Twee bollen, elk met een kern met grote dichtheid, elk omhuld door een mantel met geringere dichtheid, botsen op elkaar. Weer natuurwetten (traagheid) voorspellen terecht dat die kern bij een botsing door zal schieten, en verder voorspelt weer die wet van de zwaartekracht dat die kernen door hun grotere dichtheid elkaar sterker zullen aantrekken dan het respectievelijke mantelmateriaal.
3) Waar die kernen dus blijkbaar naar elkaar toe willen, zal ander materiaal opzij moeten worden gedrukt. Het is dat mantelmateriaal (met die geringere dichtheid)dat in de weg zit. Dat lichtere materiaal krijgt door de botsing dus een snelheid min of meer haaks op de botsingsrichting (het wordt tussen de zware kernen opzij weggedrukt) en wordt met enorme snelheid de ruimte in geslingerd.
4) Al dat puin, vloeibaar of vast, is onderhevig aan de zwaartekracht van de aarde. Afhankelijk van de richting waarin het werd weggeslingerd, en de snelheid waarmee,
- komt het onvermijdelijk terug op aarde terecht
- komt het in een of andere baan om de aarde terecht.
- vliegt het de ruimte in en zien we het nooit meer terug.
5) dat deel van het puin dat na de klap rond de aarde zweeft oefent ook op elkaar aantrekkingskracht uit en klontert daardoor samen, wat uiteindelijk leidt tot een grote, ronde satelliet rond de aarde die wij maan noemen.
Als de maan dus door zo'n botsing ontstaan zou zijn, dan [u]moet[/u] ze volgens de natuurwetten bestaan uit het lichtere mantelmateriaal van Aarde en Theia. De maan moet dus een geringere dichtheid (soortelijke massa) hebben als de Aarde. En dat heeft ze. De botsingstheorie wordt dus niet ontkracht door de waarneming dat de maan een geringere dichtheid heeft dan de aarde.
De geringe dichtheid van de maan is dus een bouwsteen in die botsingstheorie. Die geringe dichtheid kan ook andere oorzaken hebben, die mogelijk weer in een andere theorie passen.
Maar voldoende van die bouwstenen en je krijgt een muurtje dat niet meer omvalt.....
:roll: