De makelaardij van een wezen is op zich misschien wel niet relevant (dat probeerde ik te verwoorden). Maar met betrekking tot de vraag wat een wezen een wezen maakt, waaraan rechten toegekend zouden moeten worden, geef je eigenlijk 1 indicatie: de wil en de mogelijkheid om zich voort te planten. Is dat inderdaad een maatstaf? Want logischerwijs geeft dat weer aanleiding tot een nieuwe vraag: wanneer spreek je van een wil (bewust?) Hebben dieren (met de "wil" om zich voort te planten) dan dezelfde rechten als mensen? Nee, we mogen dieren laten inslapen om welke reden dan ook. Bij mensen zijn de regels strenger. Waarom is dat zo?
Ik wil je vraag waarom dat zo is eventje laten rusten om eerst het onderscheid dat jij duidelijk wil maken uiteen te zetten (of tenminste: ik denk dat je het hierover hebt). In mijn mening zijn er twee fasen die een, door mensen gemaakt, wezen moet doorlopen om uiteindelijk erkend te worden als 'echt' en daarmee zelfbeschikkingsrecht verwerven.
- Ten eerste is er de wettelijke procedure die doorlopen moet worden alvorens een wezen voor het gerecht als verantwoordelijk voor de eigen daden gehouden kan worden en daarmee impliciet het zelfbeschikkingsrecht heeft verworven. Een machine is in eerste instantie het bezit van de maker. Tussen het Eigendomsrecht en het zelfbeschikkingsrecht zit een lange periode van veranderende wetten. Dat kon je nog niet al te lang geleden aan iedere neger in Amerika vragen.
- Ten tweede is er het emotionele aspect. Mensem op zich kunnen bijvoorbeeld een huishoud robot een naam geven en van het wezen gaan houden. Het weet immers alle ins en out van de 'werkgever'. In die zin zal het een 'persoonlijkheid verwerven. Daardoor zal de werkgever geneigd zijn om de robrot ook te geven waar de robot behoefte aan heeft (misschien een onderhoudsbeurt of ee goeie olie smering). Pas vanaf het moment dat dit zo is zullen mensen bij brand gaan roepen: 'red ook mijn robot'. Mocht een robot dan ooit een misstap maken zal de eigenaar pleiten voor strafvermindering of vrijpleiting om de robot het wel goed bedoeld zal hebben. Vanaf dat moment bestaan er precedenten om rechtzaken te beginnen over het zelfbeschikkingsrecht van de wezens.
Welke eigenschappen moet een wezen hebben om aanleiding te geven tot het toekennen van dezelfde rechten, die we ons eigen soort, de mens toekennen? Is uiterlijk hierin inderdaad ook bepalend? En waarom? Op het moment dat wij niet in staat zijn om een wezen te doorgronden, te begrijpen, zullen we dan een dergelijk wezen ooit dezelfde rechten geven als de mens?
Een goed punt trouwens. Want is het niet zo dat we allemaal otters zo leuke wezentjes vinden omdat ze op hun rug zwemmen en van die schattige menselijke dingen met hun handen doen? Koeien daarentegen sturen we zo de bio-industrie in. En insecten hebben we al helemaal geen medelijden mee.
Ergens heb ik het gevoel dat de rechten die we toekennen aan wezens te maken hebben met de mate waarmee wij ons kunnen identificeren met datzelfde wezen. Hoe meer dat het geval is, hoe meer "zekere" overeenkomsten er zijn, hoe meer rechten het wezen krijgt. Hoe meer "waarde" we toekennen aan dat wezen.
Hier ben ik het heel erg sterk mee eens. Ik zou zelfs graag een nieuwe gedachte willen aandragen:
Nog eventjes los van uiterlijk identificeren speelt er het gevoel van identificatie. Ik vermoed dat die identificatie eerst van het kunstmatig intelligente wezen moet komen. Het wezen dat geleerd heeft dat de eigenaar graag of vrijdag avond een biertje wil bij het rad van fortuin levert simpelweg een goed gevoel op in de eigenaar waardoor hij met verloop van tijd ons K.I. wezen meer gaat waarderen. Naarmate die band zichzelf ontwikkeld zal het K.I. wezen steeds meer een eigen 'persoonlijkheid' gaan ontwikkelen (lees: referentie kader om de daden mee af te wegen) los van de eerste programmering door middel van data opslag op de harde schijf. Ons K.I. wezen kiest op deze manier afwijke oplossingen van de standaard programmering al naar gelang de wensen van de eigenaar. Hier zien we iets heel erg vreemds ontstaan. Die 'persoonlijkheid' is feitelijk de verzameling van alle foute bewerkingen van ons K.I. wezen.
Het zal dus pas zo zijn dat we ons gaan identificeren met de K.I. wezens in kwestie wanneer ze niet meer doen waarvoor we ze gemaakt hebben. Di zal uiteraard ook het moment zijn dat de K.I. wezens misstappen zullen begaan en daarom het moment zijn dat er over K.I. wezens gesproken zal worden in rechtszaken.
Na deze realisatie is de missie van mensen die K.I. programma's schrijven opeens veel doorzichtiger. Het enige wat je nodig hebt is een wezen dat zichzelf probeert de meest efficiente manier van leven aan te meten zal uiteindelijk komen waar hij wezen wil. Daarnaast is een vorm van voortplanten noodzakelijk omdat daarmee een volgende stap gezet kan worden. Zolang de wezens zichzelf op die twee manieren kunnen 'verbeteren' zal er uiteindelijk wel een wezen ontstaan die volgens ons K.I. is.
[quote]De makelaardij van een wezen is op zich misschien wel niet relevant (dat probeerde ik te verwoorden). Maar met betrekking tot de vraag wat een wezen een wezen maakt, waaraan rechten toegekend zouden moeten worden, geef je eigenlijk 1 indicatie: de wil en de mogelijkheid om zich voort te planten. Is dat inderdaad een maatstaf? Want logischerwijs geeft dat weer aanleiding tot een nieuwe vraag: wanneer spreek je van een wil (bewust?) Hebben dieren (met de "wil" om zich voort te planten) dan dezelfde rechten als mensen? Nee, we mogen dieren laten inslapen om welke reden dan ook. Bij mensen zijn de regels strenger. Waarom is dat zo?[/quote]
Ik wil je vraag waarom dat zo is eventje laten rusten om eerst het onderscheid dat jij duidelijk wil maken uiteen te zetten (of tenminste: ik denk dat je het hierover hebt). In mijn mening zijn er twee fasen die een, door mensen gemaakt, wezen moet doorlopen om uiteindelijk erkend te worden als 'echt' en daarmee zelfbeschikkingsrecht verwerven.
- Ten eerste is er de wettelijke procedure die doorlopen moet worden alvorens een wezen voor het gerecht als verantwoordelijk voor de eigen daden gehouden kan worden en daarmee impliciet het zelfbeschikkingsrecht heeft verworven. Een machine is in eerste instantie het bezit van de maker. Tussen het Eigendomsrecht en het zelfbeschikkingsrecht zit een lange periode van veranderende wetten. Dat kon je nog niet al te lang geleden aan iedere neger in Amerika vragen.
- Ten tweede is er het emotionele aspect. Mensem op zich kunnen bijvoorbeeld een huishoud robot een naam geven en van het wezen gaan houden. Het weet immers alle ins en out van de 'werkgever'. In die zin zal het een 'persoonlijkheid verwerven. Daardoor zal de werkgever geneigd zijn om de robrot ook te geven waar de robot behoefte aan heeft (misschien een onderhoudsbeurt of ee goeie olie smering). Pas vanaf het moment dat dit zo is zullen mensen bij brand gaan roepen: 'red ook mijn robot'. Mocht een robot dan ooit een misstap maken zal de eigenaar pleiten voor strafvermindering of vrijpleiting om de robot het wel goed bedoeld zal hebben. Vanaf dat moment bestaan er precedenten om rechtzaken te beginnen over het zelfbeschikkingsrecht van de wezens.
[quote]Welke eigenschappen moet een wezen hebben om aanleiding te geven tot het toekennen van dezelfde rechten, die we ons eigen soort, de mens toekennen? Is uiterlijk hierin inderdaad ook bepalend? En waarom? Op het moment dat wij niet in staat zijn om een wezen te doorgronden, te begrijpen, zullen we dan een dergelijk wezen ooit dezelfde rechten geven als de mens?[/quote]
Een goed punt trouwens. Want is het niet zo dat we allemaal otters zo leuke wezentjes vinden omdat ze op hun rug zwemmen en van die schattige menselijke dingen met hun handen doen? Koeien daarentegen sturen we zo de bio-industrie in. En insecten hebben we al helemaal geen medelijden mee.
[quote]Ergens heb ik het gevoel dat de rechten die we toekennen aan wezens te maken hebben met de mate waarmee wij ons kunnen identificeren met datzelfde wezen. Hoe meer dat het geval is, hoe meer "zekere" overeenkomsten er zijn, hoe meer rechten het wezen krijgt. Hoe meer "waarde" we toekennen aan dat wezen.[/quote]
Hier ben ik het heel erg sterk mee eens. Ik zou zelfs graag een nieuwe gedachte willen aandragen:
Nog eventjes los van uiterlijk identificeren speelt er het gevoel van identificatie. Ik vermoed dat die identificatie eerst van het kunstmatig intelligente wezen moet komen. Het wezen dat geleerd heeft dat de eigenaar graag of vrijdag avond een biertje wil bij het rad van fortuin levert simpelweg een goed gevoel op in de eigenaar waardoor hij met verloop van tijd ons K.I. wezen meer gaat waarderen. Naarmate die band zichzelf ontwikkeld zal het K.I. wezen steeds meer een eigen 'persoonlijkheid' gaan ontwikkelen (lees: referentie kader om de daden mee af te wegen) los van de eerste programmering door middel van data opslag op de harde schijf. Ons K.I. wezen kiest op deze manier afwijke oplossingen van de standaard programmering al naar gelang de wensen van de eigenaar. Hier zien we iets heel erg vreemds ontstaan. Die 'persoonlijkheid' is feitelijk de verzameling van alle foute bewerkingen van ons K.I. wezen.
Het zal dus pas zo zijn dat we ons gaan identificeren met de K.I. wezens in kwestie wanneer ze niet meer doen waarvoor we ze gemaakt hebben. Di zal uiteraard ook het moment zijn dat de K.I. wezens misstappen zullen begaan en daarom het moment zijn dat er over K.I. wezens gesproken zal worden in rechtszaken.
Na deze realisatie is de missie van mensen die K.I. programma's schrijven opeens veel doorzichtiger. Het enige wat je nodig hebt is een wezen dat zichzelf probeert de meest efficiente manier van leven aan te meten zal uiteindelijk komen waar hij wezen wil. Daarnaast is een vorm van voortplanten noodzakelijk omdat daarmee een volgende stap gezet kan worden. Zolang de wezens zichzelf op die twee manieren kunnen 'verbeteren' zal er uiteindelijk wel een wezen ontstaan die volgens ons K.I. is.