Marqist schreef:Ik geef nog niet op! Als die twee raketten met iets meer dan de helft van de snelheid van het licht reizen in vergelijking met de aarde gaan ze toch relatief van elkaar wel sneller?
En er bestaat ook zoiets als ontsnappingsnelheid aan de rand van een zwart gat. Deze deeltjes zijn naar buiten gekomen door sneller dan het licht te gaan.
Hi Marqist,
Je poneert hier 2 stellingen.
In stelling 1 maak je een klassieke denkfout.
Zoals je zelf zegt tov elkaar gaan ze RELATIEF sneller dan het licht maar niet tov hun r
eferentiekader.
Neem nu dat je een zaklamp hebt die
niet een lichtstraal rechtdoor schijnt maar een lichtstraal links en
en een lichtstraal rechts (een lichtstraal 180° tegenovergesteld aan elkaar).
Dan zou men kunnen stellen dat de fotonen van de lichtbundel links zich voortbewegen met de snelheid
van het licht tov de zaklamp en de fotonen van de de lichtbundel rechts zich ook met de snelheid van het licht
voortbewegen tov de zaklamp. Meer zelfs men zou kunnen stellen dat de fotonen van beide lichtstralen zich
relatief tov elkaar zich 2 x maal de snelheid van het licht zich voortbewegen. En zoals jij zegt en ook Victor
is dat RELATIEF ook zo maar niet tov van hun referentiekader. Beiden hun referentiekader is de zaklamp.
Ze bevinden zich beiden in dezelfde toestand tov elkaar (reizen aan dezelfde snelheid) maar in een andere
toestand tov die zaklantaren ( die staat stil of "beweegt" niet).
Een van je denkfouten zit zich in het volgende:
Neem op aarde 1 centraal punt. Neem Zanzibar. Elke persoon op aarde kan zich meten tov dit punt. Hoe snel
we ons voortbewegen en hoe lang we erover deden. Maar eenmaal in het begrip tijd/ruimte bestaat dit begrip
of deze eikpunten niet meer hoe dichter men reist aan de snelheid van het licht.
Je moet een bepaalde snelheid en tijd meten aan een referentiekader.
Een
overdreven voorbeeld;
Ik schiet weg met een raket van de aarde met bijna de snelheid van het licht, oostwaarts. Een andere raket de
tegenovergestelde richting met dezeldfe snelheid. In beide raketten staat iemand in de cockpit en schijnt met
zaklamp vooraan uit het venster.
Men zou kunnen stellen dat de fotonen van beide lichtstralen zich "realtief" met 4x maal de snelheid tov elkaar
bewegen.Maar opnieuw, met moet dit bekijken volgens de referentiekaders.
Raket 1 reist tov z'n referentiekader (vertrekpunt aarde) zich met de snelheid van het licht. Raket 2 idem.
Lichtstraal 1 van raket 1 verplaatst zich met de snelheid van het licht tov z'n raket. Idem voort lichtstraal 2 van
raket 2. Meer zelfs als de man in raket 1 zich omdraait in z'n cockpit en met z'n zaklamp door het achteruit-
raampje schijnt dan zal z'n lichtstraal raket 2 voorbijsteken met opneiuw de snelheid van het licht.
Dit lijkt moeilijk te bevatten maar dit is wat ik probeerde uit te leggen in m'n eerste posting.
Dit fenomeen is enkel mogelijk als je kan inzien dat de reiziger of de waarnemer vanuit een bepaalde toestand
het begrip
tijd anders zal gaan ervaren tov z'nreferentiepunt afhangende van wat z'n snelheid
is tov het referentiepunt.
Dus tijd/ruimte (zoals de 2 lichtstralen zich bewegen tov van elkaar) kunnen zich vele malen sneller voortbewegen
dan de snelheid van het licht.
Maar daar zijn we in wezen niks mee omdat we als waarnemer vanuit één bepaalde
plaats en toestand dit toch niet kunnen waarnemen.
Je 2de opmerking over een "ontsnappingsnelheid aan de rand van een zwart gat" is niet correct..
Er bestaat iets als de tijdshorizon aan een zwart gat. Eens over die horizon ontsnapt er niks meer omdat zwaarte-
kracht alles overneemt. Maw zwartekracht overheerst ruimte/tijd en alles wat wij tot nu toe kennen.
Alles wat tot nu toe waarnemen zijn de randverschijnselen van het zwart gat maar niet de informatie of deeltjes die
UIT het zwart gat komen.
groeten FxiGoR
[quote='Marqist' post='453584' date='8 October 2008, 18:17']Ik geef nog niet op! Als die twee raketten met iets meer dan de helft van de snelheid van het licht reizen in vergelijking met de aarde gaan ze toch relatief van elkaar wel sneller?
En er bestaat ook zoiets als ontsnappingsnelheid aan de rand van een zwart gat. Deze deeltjes zijn naar buiten gekomen door sneller dan het licht te gaan.[/quote]
Hi Marqist,
Je poneert hier 2 stellingen.
In stelling 1 maak je een klassieke denkfout.
Zoals je zelf zegt tov elkaar gaan ze RELATIEF sneller dan het licht maar niet tov hun r[u]eferentiekader[/u].
Neem nu dat je een zaklamp hebt die [u]niet[/u] een lichtstraal rechtdoor schijnt maar een lichtstraal links en
en een lichtstraal rechts (een lichtstraal 180° tegenovergesteld aan elkaar).
Dan zou men kunnen stellen dat de fotonen van de lichtbundel links zich voortbewegen met de snelheid
van het licht tov de zaklamp en de fotonen van de de lichtbundel rechts zich ook met de snelheid van het licht
voortbewegen tov de zaklamp. Meer zelfs men zou kunnen stellen dat de fotonen van beide lichtstralen zich
relatief tov elkaar zich 2 x maal de snelheid van het licht zich voortbewegen. En zoals jij zegt en ook Victor
is dat RELATIEF ook zo maar niet tov van hun referentiekader. Beiden hun referentiekader is de zaklamp.
Ze bevinden zich beiden in dezelfde toestand tov elkaar (reizen aan dezelfde snelheid) maar in een andere
toestand tov die zaklantaren ( die staat stil of "beweegt" niet).
Een van je denkfouten zit zich in het volgende:
Neem op aarde 1 centraal punt. Neem Zanzibar. Elke persoon op aarde kan zich meten tov dit punt. Hoe snel
we ons voortbewegen en hoe lang we erover deden. Maar eenmaal in het begrip tijd/ruimte bestaat dit begrip
of deze eikpunten niet meer hoe dichter men reist aan de snelheid van het licht.
Je moet een bepaalde snelheid en tijd meten aan een referentiekader.
Een [u]overdreven[/u] voorbeeld;
Ik schiet weg met een raket van de aarde met bijna de snelheid van het licht, oostwaarts. Een andere raket de
tegenovergestelde richting met dezeldfe snelheid. In beide raketten staat iemand in de cockpit en schijnt met
zaklamp vooraan uit het venster.
Men zou kunnen stellen dat de fotonen van beide lichtstralen zich "realtief" met 4x maal de snelheid tov elkaar
bewegen.Maar opnieuw, met moet dit bekijken volgens de referentiekaders.
Raket 1 reist tov z'n referentiekader (vertrekpunt aarde) zich met de snelheid van het licht. Raket 2 idem.
Lichtstraal 1 van raket 1 verplaatst zich met de snelheid van het licht tov z'n raket. Idem voort lichtstraal 2 van
raket 2. Meer zelfs als de man in raket 1 zich omdraait in z'n cockpit en met z'n zaklamp door het achteruit-
raampje schijnt dan zal z'n lichtstraal raket 2 voorbijsteken met opneiuw de snelheid van het licht.
Dit lijkt moeilijk te bevatten maar dit is wat ik probeerde uit te leggen in m'n eerste posting.
Dit fenomeen is enkel mogelijk als je kan inzien dat de reiziger of de waarnemer vanuit een bepaalde toestand
het begrip [b]tijd[/b] anders zal gaan ervaren tov z'nreferentiepunt afhangende van wat z'n snelheid
is tov het referentiepunt.
Dus tijd/ruimte (zoals de 2 lichtstralen zich bewegen tov van elkaar) kunnen zich vele malen sneller voortbewegen
dan de snelheid van het licht. [u]Maar daar zijn we in wezen niks mee omdat we als waarnemer vanuit één bepaalde
plaats en toestand dit toch niet kunnen waarnemen.[/u]
Je 2de opmerking over een "ontsnappingsnelheid aan de rand van een zwart gat" is niet correct..
Er bestaat iets als de tijdshorizon aan een zwart gat. Eens over die horizon ontsnapt er niks meer omdat zwaarte-
kracht alles overneemt. Maw zwartekracht overheerst ruimte/tijd en alles wat wij tot nu toe kennen.
Alles wat tot nu toe waarnemen zijn de randverschijnselen van het zwart gat maar niet de informatie of deeltjes die
[u]UIT[/u] het zwart gat komen.
groeten FxiGoR