door robheus » wo 02 sep 2009, 20:36
Je zou het vraagstuk denk ik beter kunnen formuleren als: heeft het universum (of: de materie, danwel de tijd) een begin?
Dit type vraagstuk houdt de gemoederen al eeuwenlang bezig, en dit vraagstuk duikt ook in de moderne natuurkunde, in de kosmologie weer op.
Zo hield onder andere Immanuel Kant zich met deze vraag bezig, waarbij hij zowel aantoonde dat een universum dat een begin heeft gehad, als een universum zonder begin, beide ongerijmdheden zijn.
In de kosmologie dook dit vraagstuk opeens op toen ontdekt werd dat het heelal uitdeide, en schijnbaar vanuit een zog. singulariteit (een punt waar alle materie was samengebald) zou zijn ontstaan. Een aantal kosmologen hielden het er ook op dat de tijd een definitief begin gehad zou hebben, en er dus 'niets' was voor de Big bang.
De Big bang theorie doet overigens op dat punt geheel geen uitspraken. De moderne kosmologie laat de Big bang voorafgaan door de zog. cosmologische inflatie (een periode van zeer snelle uitdeiing), waarbij dit proces van cosmologische inflatie in beginsel eeuwigdurend is, dwz. het proces zet zich in andere delen van het universum door, en in gebieden waar de cosmologische inflatie zich voordoet (en die door de snelle uitdeiing de overhand nemen) stopt dat proces na korte tijd en gaat over in de 'normale' Big bang.
(vergelijk dit bijv. met een bosbrand, elk stuk bos staat maar een beperkte tijd in brand, maar de bosbrand zelf kan, zolang er brandstof is, steeds verder woeden. De enige beperking is uiteraard dat bossen niet oneindig groot zijn, maar het universum zelf heeft geen grenzen).
Je zou het vraagstuk denk ik beter kunnen formuleren als: heeft het universum (of: de materie, danwel de tijd) een begin?
Dit type vraagstuk houdt de gemoederen al eeuwenlang bezig, en dit vraagstuk duikt ook in de moderne natuurkunde, in de kosmologie weer op.
Zo hield onder andere Immanuel Kant zich met deze vraag bezig, waarbij hij zowel aantoonde dat een universum dat een begin heeft gehad, als een universum zonder begin, beide ongerijmdheden zijn.
In de kosmologie dook dit vraagstuk opeens op toen ontdekt werd dat het heelal uitdeide, en schijnbaar vanuit een zog. singulariteit (een punt waar alle materie was samengebald) zou zijn ontstaan. Een aantal kosmologen hielden het er ook op dat de tijd een definitief begin gehad zou hebben, en er dus 'niets' was voor de Big bang.
De Big bang theorie doet overigens op dat punt geheel geen uitspraken. De moderne kosmologie laat de Big bang voorafgaan door de zog. cosmologische inflatie (een periode van zeer snelle uitdeiing), waarbij dit proces van cosmologische inflatie in beginsel eeuwigdurend is, dwz. het proces zet zich in andere delen van het universum door, en in gebieden waar de cosmologische inflatie zich voordoet (en die door de snelle uitdeiing de overhand nemen) stopt dat proces na korte tijd en gaat over in de 'normale' Big bang.
(vergelijk dit bijv. met een bosbrand, elk stuk bos staat maar een beperkte tijd in brand, maar de bosbrand zelf kan, zolang er brandstof is, steeds verder woeden. De enige beperking is uiteraard dat bossen niet oneindig groot zijn, maar het universum zelf heeft geen grenzen).