door Knownothing » vr 24 dec 2004, 17:04
Wees maar heel voorzichtig met theorieen omtrent de oorsprong van carnaval. Er is van omzeggens voor 1000 na christus niets met een redelijke waarschijnlijkheid over te zeggen. Het eerste dat we kennen wat min of meer op carnaval lijkt zijn de zottenfeesten van Franse kloosterlingen. Met je traceren naar keltische wortels doel je waarschijnlijk op elementen uit heidense winter- of vruchtbaarheidsfeesten. Maar die komen in zeer veel heidense culturen voor en zijn zeker niet exclusief voor de Kelten. Misschien kan je een element in het Vlaamse carnaval aanwijzen dat specifiek Keltisch is? Hou wel in je achterhoofd dat het karnaval dat we tegenwoordig in Europa kennen voor het grootste deel een Negentiende-eeuwse uitvinding is. Romantiek, nationalisme, etc. hebben enorm veel invloed uitgeoefend op wat de gewone man tegenwoordig als "traditie" ziet.
Ik ga hier niet verkondigen dat er géén Keltische restjes meer overgebleven zijn, de Kelten droegen een broek en wij doen dat ook (maar waarschijnlijker hebben we onze broek van de Germanen geerfd). Uw tweedeling Vlaams-Keltisch/Germaans en Waals-Romeins is echt enorm overgesimplifieerd.
Wat je schrijft over de guldensporenslag is de 19e-eeuwse romantische interpretatie, maar geschiedenis is ingewikkelder dan verhaaltjes over ridders. Naast de versie van Conscience en co bestaat er ook een historische gebeurtenis.
De oorzaak daarvan was een langdurige polarisatie van 4 parijen (Franse koning, Vlaamse graaf en hoge adel, particiers en ambachten) rond een aantal politieke en sociaal-economische twistpunten, met terzijde een cultureel verschil wat de partijen een duidelijker identiteit verleende. De Vlaamse graaf concureerde reeds lang met de patriciers om de macht in de steden. Langs onderuit wilde ook de ambachten, die in die periode soc-econ steeds sterker stonden dat ook in politieke macht vertaald zien ten nadele van de patriciers. De voor de hand liggende coalitie was - toen de machtsstrijd tussen graaf en koning ten top gedreven werd - dus graaf en ambachten tegen koning en patriciers. De graaf van Namen en de kleinzoon van de gevangen graaf van Vlaanderen namen de leiding nadat de Gentse ambachtsleiders een opstand uitgelokt hadden tegen de patriciers die op bevel van de koning een (legale) belasting heringevoerd hadden, en de Brugse ambachtslieden een bloedbad aangericht hadden onder de Fransen en de patriciers in hun stad.
De slag zelf werd geleverd door
- aan de zijde van de graaf: 400 tot 600 ridders uit Vlaanderen, Namen en Zeeland en 8000 tot 10.000 boeren en ambachtslieden (in die tijd vaak getrainde stadsmilities, die hun eigen wapen en malienkolder bezaten!), vooral Bruggelingen.
- aan de zijde van de koning 2000 tot 2500 ridders, vooral Fransen maar ook bijvoorbeeld Brabanders, ondersteund door 4000 tot 5000 knechten en boogschuters.
Met die verhoudingen waren de Fransen op een normaal slachveld in het voordeel geweest, maar in de moerassige grond waarop gestreden werd waren de zwaarbepantserde ridders nagenoeg waardeloos. Het Franse leger ging roemloos ten onder en hoewel er eerder wel ridderlegers door voetvolk overwonnen waren, ging er toch een schok uit van de gebeurtenis. Op militair vlak was zij dus belangrijk, niet zozeer omdat de gebeurtenis iets totaal nieuw was, maar omdat er zoveel heisa door gemaakt werd. Het was als het ware een signaal dat de dominantie van de ridders op het slagveld voorbij was. Nog belangrijker was dat de machtsverhoudingen op het slagveld de soc-eco verhoudingen leken te weerspiegelen: de ambachtsleiders hadden aan alle partijen duidelijk gemaakt dat zij een macht waren waarmee men rekening dient te houden en hun socio-economische promotie werd door de graven gedeeltelijk bevestigt door het verlenen van politieke macht in de steden.
Een ander resultaat van de grote heisa die om de slag gemaakt werd, behalve uiteraard het voorlopige voortbestaan van een graafschap dat zowat geheel onafhankelijk van de koning opereerde, was dat er doorheen de omliggende heerlijkheden een golf van opstanden tegen het patriciaat trok.
Wat je schrijft over onze instelling is een beetje naief: als ze door andere bestuurders ontwikkeld geweest waren zouden ze er anders uitgezien hebben, dat is nogal wiedes. Het feit is dat sinds het einde van de Middeleeuwen de buitenlandse machthebbers geprobeert hebben het bestuur van de verschillende heerlijkheden te centraliseren, terwijl binnenlandse elites gewoonlijk niet verder keken dan hun eigen graafschap/hertogdom en een centrifugaal streven naar lokale macht en onafhankelijkheid toonden.
Wat je schrijft over de staatsinrichtling van bijna alle Europese landen is makkelijk verklaarbaar: Napoleon heeft ze bijna allemaal bezet. Behalve Engeland, en net in dat land heeft een deel van de adel nog steeds privileges. Net in dat land is niet het volk, maar het parlement soeverein. Natuurlijk heeft Napoleon niet op ieder land zijn stempel even hard kunnen drukken en heeft de restauratie na 1815 zo veel mogelijk verworvenheden teniet gedaan, maar de basis was gelegd en de invloeden van de Franse revoluties van 1830 en 1848 deden in heel Europa de rest wel.
Uiteraard zijn er verschillen tussen Vlamingen en Walen, wie anders beweert is een uilskuiken.
Voor als je de rest niet wilt lezen: hier gaat het om:
Mijn voorbeeld over de koningskwestie diende alleen maar om te illustreren dat het onmogelijk is om een omschrijving als "Vlaamse cultuur, normen en waarden" inhoud te geven zonder een (groot) deel van de Vlamingen uit te sluiten én dat de partij die zichzelf als de verdeiger van de "Vlaamse cultuur, normen en waarden" opwerpt, meerdere standpunten verdedigt die de meerderheid van de Vlamingen niet erkennen als behorende tot het pakket dat zij via hun opvoeding van hun ouders meegekregen hebben.
Over feodaliteit: de feodaliteit is in Frankrijk afgeschaft in 1789. Daarvoor waren er in EUropa dus geen westerse landen?
Wees maar heel voorzichtig met theorieen omtrent de oorsprong van carnaval. Er is van omzeggens voor 1000 na christus niets met een redelijke waarschijnlijkheid over te zeggen. Het eerste dat we kennen wat min of meer op carnaval lijkt zijn de zottenfeesten van Franse kloosterlingen. Met je traceren naar keltische wortels doel je waarschijnlijk op elementen uit heidense winter- of vruchtbaarheidsfeesten. Maar die komen in zeer veel heidense culturen voor en zijn zeker niet exclusief voor de Kelten. Misschien kan je een element in het Vlaamse carnaval aanwijzen dat specifiek Keltisch is? Hou wel in je achterhoofd dat het karnaval dat we tegenwoordig in Europa kennen voor het grootste deel een Negentiende-eeuwse uitvinding is. Romantiek, nationalisme, etc. hebben enorm veel invloed uitgeoefend op wat de gewone man tegenwoordig als "traditie" ziet.
Ik ga hier niet verkondigen dat er géén Keltische restjes meer overgebleven zijn, de Kelten droegen een broek en wij doen dat ook (maar waarschijnlijker hebben we onze broek van de Germanen geerfd). Uw tweedeling Vlaams-Keltisch/Germaans en Waals-Romeins is echt enorm overgesimplifieerd.
Wat je schrijft over de guldensporenslag is de 19e-eeuwse romantische interpretatie, maar geschiedenis is ingewikkelder dan verhaaltjes over ridders. Naast de versie van Conscience en co bestaat er ook een historische gebeurtenis.
De oorzaak daarvan was een langdurige polarisatie van 4 parijen (Franse koning, Vlaamse graaf en hoge adel, particiers en ambachten) rond een aantal politieke en sociaal-economische twistpunten, met [i]terzijde[/i] een cultureel verschil wat de partijen een duidelijker identiteit verleende. De Vlaamse graaf concureerde reeds lang met de patriciers om de macht in de steden. Langs onderuit wilde ook de ambachten, die in die periode soc-econ steeds sterker stonden dat ook in politieke macht vertaald zien ten nadele van de patriciers. De voor de hand liggende coalitie was - toen de machtsstrijd tussen graaf en koning ten top gedreven werd - dus graaf en ambachten tegen koning en patriciers. De graaf van Namen en de kleinzoon van de gevangen graaf van Vlaanderen namen de leiding nadat de Gentse ambachtsleiders een opstand uitgelokt hadden tegen de patriciers die op bevel van de koning een (legale) belasting [i]her[/i]ingevoerd hadden, en de Brugse ambachtslieden een bloedbad aangericht hadden onder de Fransen en de patriciers in hun stad.
De slag zelf werd geleverd door
- aan de zijde van de graaf: 400 tot 600 ridders uit Vlaanderen, Namen en Zeeland en 8000 tot 10.000 boeren en ambachtslieden (in die tijd vaak getrainde stadsmilities, die hun eigen wapen en malienkolder bezaten!), vooral Bruggelingen.
- aan de zijde van de koning 2000 tot 2500 ridders, vooral Fransen maar ook bijvoorbeeld Brabanders, ondersteund door 4000 tot 5000 knechten en boogschuters.
Met die verhoudingen waren de Fransen op een normaal slachveld in het voordeel geweest, maar in de moerassige grond waarop gestreden werd waren de zwaarbepantserde ridders nagenoeg waardeloos. Het Franse leger ging roemloos ten onder en hoewel er eerder wel ridderlegers door voetvolk overwonnen waren, ging er toch een schok uit van de gebeurtenis. Op militair vlak was zij dus belangrijk, niet zozeer omdat de gebeurtenis iets totaal nieuw was, maar omdat er zoveel heisa door gemaakt werd. Het was als het ware een signaal dat de dominantie van de ridders op het slagveld voorbij was. Nog belangrijker was dat de machtsverhoudingen op het slagveld de soc-eco verhoudingen leken te weerspiegelen: de ambachtsleiders hadden aan alle partijen duidelijk gemaakt dat zij een macht waren waarmee men rekening dient te houden en hun socio-economische promotie werd door de graven gedeeltelijk bevestigt door het verlenen van politieke macht in de steden.
Een ander resultaat van de grote heisa die om de slag gemaakt werd, behalve uiteraard het voorlopige voortbestaan van een graafschap dat zowat geheel onafhankelijk van de koning opereerde, was dat er doorheen de omliggende heerlijkheden een golf van opstanden tegen het patriciaat trok.
Wat je schrijft over onze instelling is een beetje naief: als ze door andere bestuurders ontwikkeld geweest waren zouden ze er anders uitgezien hebben, dat is nogal wiedes. Het feit is dat sinds het einde van de Middeleeuwen de buitenlandse machthebbers geprobeert hebben het bestuur van de verschillende heerlijkheden te centraliseren, terwijl binnenlandse elites gewoonlijk niet verder keken dan hun eigen graafschap/hertogdom en een centrifugaal streven naar lokale macht en onafhankelijkheid toonden.
Wat je schrijft over de staatsinrichtling van bijna alle Europese landen is makkelijk verklaarbaar: Napoleon heeft ze bijna allemaal bezet. Behalve Engeland, en net in dat land heeft een deel van de adel nog steeds privileges. Net in dat land is niet het volk, maar het parlement soeverein. Natuurlijk heeft Napoleon niet op ieder land zijn stempel even hard kunnen drukken en heeft de restauratie na 1815 zo veel mogelijk verworvenheden teniet gedaan, maar de basis was gelegd en de invloeden van de Franse revoluties van 1830 en 1848 deden in heel Europa de rest wel.
Uiteraard zijn er verschillen tussen Vlamingen en Walen, wie anders beweert is een uilskuiken.
[b]Voor als je de rest niet wilt lezen: hier gaat het om:[/b]
Mijn voorbeeld over de koningskwestie diende alleen maar om te illustreren dat het onmogelijk is om een omschrijving als "Vlaamse cultuur, normen en waarden" inhoud te geven [i]zonder[/i] een (groot) deel van de Vlamingen uit te sluiten én dat de partij die zichzelf als de verdeiger van de "Vlaamse cultuur, normen en waarden" opwerpt, meerdere standpunten verdedigt die de meerderheid van de Vlamingen niet erkennen als behorende tot het pakket dat zij via hun opvoeding van hun ouders meegekregen hebben.
Over feodaliteit: de feodaliteit is in Frankrijk afgeschaft in 1789. Daarvoor waren er in EUropa dus geen westerse landen?